Langzaam maar zeker komt er wat meer rust in mij zelf. Want daar ging het om. De afgelopen tijd heb ik heel wat keren geroepen: ik wil rust. Even maar. Maar als het dan stil is in huis en ieder zijn ding doet blijft de onrust. Het zit in mezelf. Mijn gedachten gaan maar door. Ik moet zoveel. En dan is het de kunst om los te laten. Ik moet niks. Stil zitten is niet echt mijn ding. Ik krijg wat rust in min hoofd als ik even bij iemand anders kan spuien wat me bezighoud. Even iemand die niet allerlei oplossingen bedenkt maar gewoon luistert. Soms loopt alles zoals het loopt, maar soms lijkt alles mis te lopen. Of in elk geval anders dan gepland. Het was heerlijk om afgelopen weekend even eruit te zijn. Even samen weg. Geen mama, hebt u nog legging, mama hebt u nog een shirt, of onder de douche vandaan: de handdoeken zijn op.! Even wij twee. En dan kan ik spuien. Het is altijd even spits voordat iedereen op plaats van bestemming is. Eén van de pleegje had een nieuw logeeradres. Ook dat was even spannend. Maar als iedereen dan weg is valt de stilte over me heen. Heerlijk. Nu lijkt het misschien dat ik van weekend naar weekend leef en het helemaal niet leuk is om gezinshuis te zijn. Dat is het natuurlijk niet. Er gebeuren zoveel leuke dingen, maar ook minder leuke dingen. Kinderen moeten leren en dat gaat met vallen en opstaan. En dan ben je vaak als moeder degene waar ze tegenaan beuken. Maar als ik in het weekend een berichtje krijg van pleegje (die net een week een mobiele telefoon heeft), geniet ik. Als ze laat zien dat het goed gaat en er een foto bij doet. Dan weet ik dat ook zij een leuk weekend hebben.
Ik geniet als pleegje haar eerste jurkje in elkaar heeft genaaid. Niet zoals het zou moeten, maar het is een jurkje. Hij zit wat krap, maar ze heeft het voor elkaar. Helemaal zelf gedaan.
Ik ben trots als onze grote rommelaar die steeds weer gestimuleerd moet worden om op te ruimen de overvolle wasmand voor me bij de wasmachine zet omdat ik last heb van mijn rug. Dat ziet hij dus toch wel.
Ja die rug. De afgelopen weken weet ik wel weer dat die er zit. Af en toe strompel ik door het huis. Eigenlijk tob ik al vanaf de herfstvakantie. Allerlei onderzoeken gehad en een foto van de rug. Uiteindelijk ben ik toch maar naar de fysio gegaan. Met de foto die al gemaakt was van mijn rug. Tja, en foto's liegen niet. Een paar wervels zijn ingezakt door slijtage, waardoor alles neerkomt op de onderste twee. Ik zal een manier moeten gaan vinden om overbelasting te voorkomen en regelmatig fysio nodig hebben. Ik heb het goede voornemen om wekelijks naar de fysio fitness te gaan. Hopelijk hou ik zo alles een beetje soepeler. Het gaat gelukkig iets beter en ik zak niet meer steeds door mijn benen. Toch lastig als je een bezig bijtje ben.
En dan lijkt het wel of alles tegelijk kapot gaat. De oven doet het niet meer en de vaatwasser heeft het ook begeven. Gelukkig hebben we nog een vaatwasser, maar met zoveel mensen is twee vaatwassers toch erg handig. Ik heb onderhand een abonnement bij de Mediamarkt. Er was hard gespaard door pleegjes. De één voor een telefoon, de ander een laptop, en nog een telefoon en nog een laptop. Toen ik met pleegje voor haar telefoon ging stond er een mevrouw in de winkel reclame te maken voor zo'n fresh pakket. Krijg je iedere week zo'n pakket met allerlei verse groenten. Ik vraag haar: voor hoeveel personen is dat dan? Voor vier personen hebt u ruim voldoende hoor. Ik kijk pleegje aan en zij voelt hem al aankomen en lacht. Nou, zeg ik dat is voor ons niet genoeg en als ik dat keer drie moet doen vind ik het best duur. Ik ga liever naar de groothandel voor groot verpakking. De mevrouw kijkt me vragend aan: met hoeveel bent u dan als ik vragen mag. Ik hoor pleegje al grinniken. En voordat ik antwoord kan geven roept ze al. Wij hebben 11 kinderen. Ik wil eraan toevoegen dat ze niet altijd allemaal thuis zijn en eten en niet allemaal meer thuis wonen. Maar de reactie van die mevrouw is te leuk. Haar mond valt open en ze weet even niet wat ze moet zeggen. En daar was het pleegje om te doen. De verbazing van sommige mensen als ze horen hoeveel kinderen er bij ons zijn. En dan zie je ook de blik gaan van pleegje naar mij. We lopen verder. Pleegje zegt: ze snapt niet dat u mijn moeder bent denk ik, want u bent blank en ik ben bruin.
Vandaag dus op zoek naar een vaatwasser. En dan maar hopen dat die er staat volgende week want dan is het alweer voorjaarsvakantie.
Een week. Maar we hebben zoveel op het programma staan dat we moeten puzzelen hoe we alles gaan plannen. Komt vast goed. Het wordt in elk geval weer een huis vol. Gezellig!
gezinshuis
de morgenster
donderdag
zaterdag
IK WIL RUST
Rust. IK WIL EVEN RUST.
Ik neem even time out op mijn eigen kamer. Boek mee. Maar na nog geen bladzijde lezen staat er een stel pleegjes in de veranda (naast mijn kamer) te discussiëren. Ga ik op mijn kantoor zitten zie ik sterretjes van pleegje die uitbundig (wees blij dat ze vrolijk is) aan het zingen is. Eh, zingen. Zo hard dat het meer schreeuwen is. Zijn de kinderen net even heerlijk in de speelkamer bezig en ga ik op de bank met een boek: ping,ping,ping. Dochter. Ben ik aan het bellen, ma hebt u de wasmachine nodig? Ga ik een keer op tijd mijn bed in, besluiten onze zonen dat het best gezellig is om samen televisie te kijken. Boven mijn hoofd met een hond erbij die af en toe even denkt dat hij in de tuin is en dus voor mijn gehoor bijna door het plafond heen komt. En ik wil slapen.
En als het dan eindelijk rustig wordt omdat ze ook gaan slapen begint naast me de stoomlocomotief te starten. KAN HET NU EINDELIJK EENS STIL ZIJN! Morgen. Hoop ik. Maar als ik de volgende avond eindelijk mijn bed zie , na een dag soppen, boodschappen, bellen, administratie....doen en na een heerlijk bad lig te doezelen komt manlief binnen. Moet je horen, ik doe even het licht aan hoor. AHHH ik wil slapen. Ik wil gillen maar probeer vriendelijk te blijven. Zoon is op weg naar huis met twee logés. Of we even de logeerkamer in orde kunnen maken. Ik kijk op mijn wekker. Kwart over 12. Kreun. "Blijf jij maar liggen hoor, ik doe het wel. Als je even kan zeggen waar de luchtbedden liggen". Ik leg hem uit dat in de kast een wit krat staat waar een groot tweepersoonsluchtbed in zit. Ik wil nog roepen, niet opblazen in de woonkamer, maar hij is al weg. Licht nog aan. Ik hoor gerommel (het gaat niet goed, hij heeft niet het goede luchtbed) en even later de elektrische pomp. En ik wil slapen. Ik hijs mezelf uit bed want dit kan ik niet aanhoren. En jawel hoor. Ligt er al een opgeblazen een persoonsluchtbed, en de tweede wil niet hard worden.
" Nee, die is lek".
"??Waarom gooi je die dan niet weg"?
"Eh, ja dat moest ik nog doen. Of misschien kan hij nog gemaakt. Maar ik zei toch dat je...
"Niet gehoord".
"En nu maak je de kinderen boven wakker. Waarom ga je die dingen niet opblazen op de kamer van zoon"? Ik voel me kriegel worden. Luister dan ook een keer! denk ik. of nee, zeg ik.
Ik pluk het goede luchtbed uit de kast en duik mijn bed weer in. Manlief komt nog even melden dat hij wacht tot zoon thuis is. Na een uur draaien strompel ik naar de andere kant van het bed om het licht uit te doen. Ik hoor praten, heen en weer lopen en weet niet meer hoelang ik al wakker lig en of ik al geslapen heb. De volgende morgen heb ik het gevoel niet te hebben geslapen. En ik heb ook nog een kinderfeestje. Ik wordt wakker van gerommel in de speelkamer. Ik kreun. Half 7 en dat voor de zaterdag. Gesnurk is het antwoord. Dan ga ik er zelf maar even uit. En daar tref ik pleeg aan. Geheel aangekleed, want ik hoef nu niet te douchen omdat ik geen luier meer heb, spelend op de grond. Hoe kan dit? Hij heeft een alarm op zijn deur. Ja, zegt hij ,maar die is leeg. Die doet het niet meer.
"Oh, maar veranderd dat de regels? Je blijf op je kamer tot je geroepen wordt!"
Ik stuur hem direct terug naar zijn kamer en ga nog even liggen. Maar mijn hoofd wil niet stoppen met denken. Van slapen komt dus niets meer.
Waarom roepen ze altijd als eerste: MAAA. kunt u even, of wilt u even, of zelfs: ik neem of ik heb gedaan.. Ik wil ook weleens rust.
Half 8 stap ik onder de douche en begin aan de nieuwe dag.
Vandaag het feestje van pleeg. Daar zie ik niet zo tegenop. Manlief gaat met de kids naar het zwembad en vriendin heeft een high tea klaargemaakt voor als ze terug komen. En dan is er één pleegje naar mama, één pleegje naar de zorgboerderij en één pleegje naar de voetbal. Dus ik heb er één thuis, die ook nog even weg is met een vriendin. Straks even het huis voor mezelf. Rust.
Eerst ontbijten. Pleegje merkt even op dat logé wel heel veel praat. Ik schiet in de lach. En dat zegt onze altijd, zelfs in haar slaap , pratende stuiterbal. Ik geniet dan toch weer even van het samen eten en koffie drinken. Het is voor ons zo gewoon dat onze kinderen logés meenemen. Altijd al zo geweest. Dan kwamen we beneden en zagen we een aantal onbekende schoenen staan. Oh, er heeft weer iemand vrienden of vriendinnen meegenomen. Eén meer of minder, maakt niet uit zeggen we altijd. Maar soms. Dan wil ik gewoon even alleen zijn. Rust. En dan bedoel ik niet in het vrije weekend geen pleegjes hebben en samen leuke dingen doen. Of even alleen weg gaan. Maar echt even mijn huis voor mezelf alleen. Stilte. Niks hoeven doen. maar dat is ook al zo lastig. Waren ze allemaal weg vanmiddag. Stilte. Rust. Ik ga in mijn heerlijke relax stoel zitten met een boek. Maar ik kan me gewoon niet concentreren. Ik denk aan de was, aan de strijk, aan mijn boekhouding. Want dat is ook zo heerlijk om even te kunnen doen zonder dat er iemand roept. Ik dwing mezelf te blijven zitten. Dan maar met een dicht boek op mijn schoot en doezel warempel even weg. Maar dan: ping. Een berichtje. Manlief. De meiden zijn al uit het zwembad. Waaat, nu al? Ja ze vonden het saai. Ik wil zeggen: stuur ze er maar weer terug in. Maar dat kan natuurlijk ook weer niet. Dus ik bericht terug: kom dan maar weer hierheen. Weg stilte.
De high tea was een succes.
Na het avondeten sta ik op knappen. Mijn ballon is te vol. Ga dan even op bed liggen ofzo. Ik doe het hier wel. (aldus manlief)
Ik zucht. En begin met de twee wassen die nog in de machine zitten eruit te halen en op te hangen. Ik smijt net iets te hard de wasmand op de grond.( ik voel me een beetje zielig, zo van; begrijp je dan niet dat alles blijft liggen als ik ga liggen?) Nog geen drie stukjes was verder en er staat al weer iemand achter me. Ik wil gillen: nu even niet.!! Maar hou mezelf nog in de hand en vraag: wil je wat vragen? Ondertussen heb ik het bad aangezet voor pleegje. Tussen was ophangen, stapels strijkgoed op de kamers brengen door, stop ik pleegje in bad. De was hangt en ik vraag of hij nog bubbels wil. Na een poosje bubbels is het zo gaan soppen dat je pleegje bijna niet meer ziet. Hij geniet hier altijd zo van. Gedachteloos haal ik de stop uit het bad en geeft hem zijn handdoek. Even later staat hij achter me. Ik heb geen hemd. Pfff waarom denken ze zelf niet even na? Ik wil even time out nemen. Maar weet even niet waar. Als ik in mijn kantoor zit hoor ik het geblèr van pleegje. Die is aan het zingen. Het lijkt meer op schreeuwen, want volgens mij doet ze mee aan een wedstrijd wie het hardst zingt. En des te meer ik aan rust denk, des te drukker wordt het in mijn hoofd. Ik werk op de automatische piloot verder. Pleeg uit bad in bed. Andere pleegjes onder de douche. Nog een was aanzetten en dan is het 8 uur. Tijd om te gaan zitten. Denk je even rustig te kunnen thee drinken. Ratelt pleegje nog steeds maar door. Ik hoor niet waar over maar ik laat eerst even wat lucht uit mijn ballonnetje lopen en vraag haar heeel vriendelijk om stil te zijn. Anders ga je naar bed en mag je geen stukje van: Wie is de Mol kijken. Stilte. Als om 9 uur de jongste drie op bed liggen en manlief in de auto stapt om de twee pubers op te halen van de tienerclub van de kerk doet de stilte gewoon zeer aan mijn oren. Maar niet voor lang. Zoon komt thuis. Die stuitert ook even door het huis en gaat naar zijn eigen stekkie. Stilte. Heerlijk. Half 10 lig ik in bed. Man steekt een kwartier later zijn hoofd om de hoek van de deur. Mag ik ook al komen of wil je dat ik even weg blijf.
Maak me niet uit. Als je maar STIL bent. Ik wil slapen. Morgen ben ik zeker een stuk gezelliger.
Ik neem even time out op mijn eigen kamer. Boek mee. Maar na nog geen bladzijde lezen staat er een stel pleegjes in de veranda (naast mijn kamer) te discussiëren. Ga ik op mijn kantoor zitten zie ik sterretjes van pleegje die uitbundig (wees blij dat ze vrolijk is) aan het zingen is. Eh, zingen. Zo hard dat het meer schreeuwen is. Zijn de kinderen net even heerlijk in de speelkamer bezig en ga ik op de bank met een boek: ping,ping,ping. Dochter. Ben ik aan het bellen, ma hebt u de wasmachine nodig? Ga ik een keer op tijd mijn bed in, besluiten onze zonen dat het best gezellig is om samen televisie te kijken. Boven mijn hoofd met een hond erbij die af en toe even denkt dat hij in de tuin is en dus voor mijn gehoor bijna door het plafond heen komt. En ik wil slapen.
En als het dan eindelijk rustig wordt omdat ze ook gaan slapen begint naast me de stoomlocomotief te starten. KAN HET NU EINDELIJK EENS STIL ZIJN! Morgen. Hoop ik. Maar als ik de volgende avond eindelijk mijn bed zie , na een dag soppen, boodschappen, bellen, administratie....doen en na een heerlijk bad lig te doezelen komt manlief binnen. Moet je horen, ik doe even het licht aan hoor. AHHH ik wil slapen. Ik wil gillen maar probeer vriendelijk te blijven. Zoon is op weg naar huis met twee logés. Of we even de logeerkamer in orde kunnen maken. Ik kijk op mijn wekker. Kwart over 12. Kreun. "Blijf jij maar liggen hoor, ik doe het wel. Als je even kan zeggen waar de luchtbedden liggen". Ik leg hem uit dat in de kast een wit krat staat waar een groot tweepersoonsluchtbed in zit. Ik wil nog roepen, niet opblazen in de woonkamer, maar hij is al weg. Licht nog aan. Ik hoor gerommel (het gaat niet goed, hij heeft niet het goede luchtbed) en even later de elektrische pomp. En ik wil slapen. Ik hijs mezelf uit bed want dit kan ik niet aanhoren. En jawel hoor. Ligt er al een opgeblazen een persoonsluchtbed, en de tweede wil niet hard worden.
" Nee, die is lek".
"??Waarom gooi je die dan niet weg"?
"Eh, ja dat moest ik nog doen. Of misschien kan hij nog gemaakt. Maar ik zei toch dat je...
"Niet gehoord".
"En nu maak je de kinderen boven wakker. Waarom ga je die dingen niet opblazen op de kamer van zoon"? Ik voel me kriegel worden. Luister dan ook een keer! denk ik. of nee, zeg ik.
Ik pluk het goede luchtbed uit de kast en duik mijn bed weer in. Manlief komt nog even melden dat hij wacht tot zoon thuis is. Na een uur draaien strompel ik naar de andere kant van het bed om het licht uit te doen. Ik hoor praten, heen en weer lopen en weet niet meer hoelang ik al wakker lig en of ik al geslapen heb. De volgende morgen heb ik het gevoel niet te hebben geslapen. En ik heb ook nog een kinderfeestje. Ik wordt wakker van gerommel in de speelkamer. Ik kreun. Half 7 en dat voor de zaterdag. Gesnurk is het antwoord. Dan ga ik er zelf maar even uit. En daar tref ik pleeg aan. Geheel aangekleed, want ik hoef nu niet te douchen omdat ik geen luier meer heb, spelend op de grond. Hoe kan dit? Hij heeft een alarm op zijn deur. Ja, zegt hij ,maar die is leeg. Die doet het niet meer.
"Oh, maar veranderd dat de regels? Je blijf op je kamer tot je geroepen wordt!"
Ik stuur hem direct terug naar zijn kamer en ga nog even liggen. Maar mijn hoofd wil niet stoppen met denken. Van slapen komt dus niets meer.
Waarom roepen ze altijd als eerste: MAAA. kunt u even, of wilt u even, of zelfs: ik neem of ik heb gedaan.. Ik wil ook weleens rust.
Half 8 stap ik onder de douche en begin aan de nieuwe dag.
Vandaag het feestje van pleeg. Daar zie ik niet zo tegenop. Manlief gaat met de kids naar het zwembad en vriendin heeft een high tea klaargemaakt voor als ze terug komen. En dan is er één pleegje naar mama, één pleegje naar de zorgboerderij en één pleegje naar de voetbal. Dus ik heb er één thuis, die ook nog even weg is met een vriendin. Straks even het huis voor mezelf. Rust.
Eerst ontbijten. Pleegje merkt even op dat logé wel heel veel praat. Ik schiet in de lach. En dat zegt onze altijd, zelfs in haar slaap , pratende stuiterbal. Ik geniet dan toch weer even van het samen eten en koffie drinken. Het is voor ons zo gewoon dat onze kinderen logés meenemen. Altijd al zo geweest. Dan kwamen we beneden en zagen we een aantal onbekende schoenen staan. Oh, er heeft weer iemand vrienden of vriendinnen meegenomen. Eén meer of minder, maakt niet uit zeggen we altijd. Maar soms. Dan wil ik gewoon even alleen zijn. Rust. En dan bedoel ik niet in het vrije weekend geen pleegjes hebben en samen leuke dingen doen. Of even alleen weg gaan. Maar echt even mijn huis voor mezelf alleen. Stilte. Niks hoeven doen. maar dat is ook al zo lastig. Waren ze allemaal weg vanmiddag. Stilte. Rust. Ik ga in mijn heerlijke relax stoel zitten met een boek. Maar ik kan me gewoon niet concentreren. Ik denk aan de was, aan de strijk, aan mijn boekhouding. Want dat is ook zo heerlijk om even te kunnen doen zonder dat er iemand roept. Ik dwing mezelf te blijven zitten. Dan maar met een dicht boek op mijn schoot en doezel warempel even weg. Maar dan: ping. Een berichtje. Manlief. De meiden zijn al uit het zwembad. Waaat, nu al? Ja ze vonden het saai. Ik wil zeggen: stuur ze er maar weer terug in. Maar dat kan natuurlijk ook weer niet. Dus ik bericht terug: kom dan maar weer hierheen. Weg stilte.
De high tea was een succes.
Na het avondeten sta ik op knappen. Mijn ballon is te vol. Ga dan even op bed liggen ofzo. Ik doe het hier wel. (aldus manlief)
Ik zucht. En begin met de twee wassen die nog in de machine zitten eruit te halen en op te hangen. Ik smijt net iets te hard de wasmand op de grond.( ik voel me een beetje zielig, zo van; begrijp je dan niet dat alles blijft liggen als ik ga liggen?) Nog geen drie stukjes was verder en er staat al weer iemand achter me. Ik wil gillen: nu even niet.!! Maar hou mezelf nog in de hand en vraag: wil je wat vragen? Ondertussen heb ik het bad aangezet voor pleegje. Tussen was ophangen, stapels strijkgoed op de kamers brengen door, stop ik pleegje in bad. De was hangt en ik vraag of hij nog bubbels wil. Na een poosje bubbels is het zo gaan soppen dat je pleegje bijna niet meer ziet. Hij geniet hier altijd zo van. Gedachteloos haal ik de stop uit het bad en geeft hem zijn handdoek. Even later staat hij achter me. Ik heb geen hemd. Pfff waarom denken ze zelf niet even na? Ik wil even time out nemen. Maar weet even niet waar. Als ik in mijn kantoor zit hoor ik het geblèr van pleegje. Die is aan het zingen. Het lijkt meer op schreeuwen, want volgens mij doet ze mee aan een wedstrijd wie het hardst zingt. En des te meer ik aan rust denk, des te drukker wordt het in mijn hoofd. Ik werk op de automatische piloot verder. Pleeg uit bad in bed. Andere pleegjes onder de douche. Nog een was aanzetten en dan is het 8 uur. Tijd om te gaan zitten. Denk je even rustig te kunnen thee drinken. Ratelt pleegje nog steeds maar door. Ik hoor niet waar over maar ik laat eerst even wat lucht uit mijn ballonnetje lopen en vraag haar heeel vriendelijk om stil te zijn. Anders ga je naar bed en mag je geen stukje van: Wie is de Mol kijken. Stilte. Als om 9 uur de jongste drie op bed liggen en manlief in de auto stapt om de twee pubers op te halen van de tienerclub van de kerk doet de stilte gewoon zeer aan mijn oren. Maar niet voor lang. Zoon komt thuis. Die stuitert ook even door het huis en gaat naar zijn eigen stekkie. Stilte. Heerlijk. Half 10 lig ik in bed. Man steekt een kwartier later zijn hoofd om de hoek van de deur. Mag ik ook al komen of wil je dat ik even weg blijf.
Maak me niet uit. Als je maar STIL bent. Ik wil slapen. Morgen ben ik zeker een stuk gezelliger.
woensdag
2016 rommel en boosheid
Ik zit achter mijn computer en in de kamer naast me hoor ik zingen. Dat was vorige week wel anders. Toen is pleegje maandag en dinsdag nog behoorlijk opstandig geweest en had ik weer bijtplekken en krassen op mijn arm. Maar nu is de rust in het lijfje terug. En hij zingt. Af en toe hoor ik een grom tussendoor. En dan gaat hij weer verder. "Zelfs vind de mus een huis o Heer." ....Ik kan me nog steeds zo verbazen om dit kind. Op en neer gaat het in emoties. Boosheid , aanhankelijkheid. Afstoten en aanhalen. Ik ben blij dat de rust een beetje terug is. Bijna jarig geeft ook spanning. Maar zolang we voorspelbaar zijn en steeds weer uitleggen wat en wanneer er iets gaat gebeuren kan hij het overzicht bewaren en geeft hem dit rust.
Inmiddels is ook zijn verjaardag voorbij en komt de rust een beetje terug.
Saai wordt het er in elk geval niet op in ons gezinshuis. Ook al groeien de kinderen steeds verder in ontwikkeling en leren ze met vallen en opstaan. Toch schiet er dan ineens weer iets voorbij dat ik denk...hoe kan dit! Ik sta verbaasd op één van de slaapkamers van onze pleegjes. De oudere kinderen moeten hun eigen kamer bijhouden en af en toe inspecteer ik de boel en ga er soms ook even extra goed doorheen. Ik sta, ik kijk en ik ruik? Wat is dit? Overal spullen, kleding (niet schoon en wel schoon) door elkaar. Ik haal her gordijn een stukje weg en zie tot mijn verbazing, eh meer tot mijn verbijstering vier grote flessen frisdrank staan. maar die zitten niet bepaald vol met frisdrank. Ach, als je geen zin hebt om naar beneden te gaan dan doe je het toch in een fles? En dan gaat het er natuurlijk niet allemaal netjes in dus vandaar die lucht. Ik doe de kast open en er buitelt aardig wat rommel al naar buiten. Ik kom lege verpakking tegen van koek en snoep die verdacht veel lijken op dat wat ik uit de voorraadkast mis. Als ik dit allemaal zie denk ik, heel mijn voorraadkast is leeg gesnaaid. Laat maar liggen oppert manlief. Ik spreek hem wel aan uit school. Lastig voor mij want de opruim drang zit er dan wel in. Maar die flessen? Die ga ik echt niet leegmaken. Dus laat ik de kamer voor wat die is.
Direct ga ik de andere ook even langs. Nu ik toch bezig ben. De één is keurig netjes. Gelukkig. heb ik toch nog wat over kunnen brengen. Maar de andere is op een andere manier ook een troep. Die heeft op school een houten kist gemaakt en gebruikt die voor afval, schone was en vuile was. Dat de schone was in de kast hoort? Oh dat weet ik eigenlijk niet meer. Dit pleegje krijgt altijd hulp van onze stagiair om zijn kamer te doen omdat het anders niet lukt. Dus ik geef ze de opdracht om ook even de kist en de kasten na te lopen. Dat was even schrikken. Ogenschijnlijk is de kamer netjes, maar ja. Die kast. Kom daar maar niet in hoor: zegt pleegje. Stagiair doet toch de kast open. En daar komt een boterham uit, een vieze appel en nog veel meer troep. Als we vragen waar die appel toch vandaan komt zegt hij vrolijk: oh die is nog van de schoolreis van de Zandbaan. ??Dat was voor de zomervakantie.!!
Als wij in een daverende lacht schieten kijkt hij ons verbaasd aan. Waarom lachen jullie?
Nou, je snapt wel dat onze vuilcontainers vol zaten. Er kwamen aardig wat vuilniszakken uit die kamers. En ook de wasmand zat vol, want als alles door elkaar ligt gooi je toch alles in de was? Ik neem me voor om toch wat meer te controleren. Of niet. Loslaten zeggen we dan. Misschien wat vaker even herinneren aan het opruimen van de kamers? Meer bijsturen? In elk geval is er een slot op de voorraadkast gegaan. Daar kan niet meer in gesnaaid worden als wij liggen te slapen.
Ben benieuwd hoe de kamers er de komende weken uit zullen zien. Tot nu toe gaat het goed. Maar hoelang houden ze het vast? En kan ik dan loslaten? Ook dit gaat de ene keer beter dan de andere keer. Zo hadden we een pleegje die in de hoek van zijn kamer had geplast. geen zin om naar toilet te gaan? Of uitdagen? Hij lag nog maar een half uurtje op bed en was al twee keer na toilet geweest. dus daar kon het niet aan liggen. Hij was ook al boos geweest daarvoor. Ik ga kijken waarom het zo'n herrie is op zijn kamer en het licht brand en ik zie een natte plek in zijn broek. Terwijl hij nog een luier draagt. Ik heb hier geplast. triomfantelijk kijkt hij me aan. Oké: zeg ik. Dat is dan jou probleem. Welterusten. Ik zie voordat ik het licht uitdoe en de deur sluit nog het verbaasde koppie. Maar ik hoor niets meer. De volgende morgen geef ik hem na het douchen een emmer en een dweil. Hij kijkt me verbaasd aan. Dweil maar even je plas weg: zeg ik rustig. Al zuchtend doet hij dit. Dit herhaald zich de volgende dag nog een keer. maar ik reageerde op dezelfde manier. En toen was het klaar. Ik leer het wel!
Langzaam merk ik aan mezelf dat, na de heftige periode in ons gezinshuis voor de kerstvakantie, mijn energie weer terug komt. Alles komt tot rust, voor zover dat kan met nog zes pleegjes. Ik kan weer genieten van de dingen van alle dag en tijd nemen voor mezelf. Ook aan de andere kinderen merken we dat ze ontspannen. Zo is er al bijna weer een maand voorbij in het nieuwe jaar.
Met een lach en een traan. En een kind dat verzucht: u bent toch de liefste pleegmoeder, want u doet altijd alles voor ons.
Inmiddels is ook zijn verjaardag voorbij en komt de rust een beetje terug.
Saai wordt het er in elk geval niet op in ons gezinshuis. Ook al groeien de kinderen steeds verder in ontwikkeling en leren ze met vallen en opstaan. Toch schiet er dan ineens weer iets voorbij dat ik denk...hoe kan dit! Ik sta verbaasd op één van de slaapkamers van onze pleegjes. De oudere kinderen moeten hun eigen kamer bijhouden en af en toe inspecteer ik de boel en ga er soms ook even extra goed doorheen. Ik sta, ik kijk en ik ruik? Wat is dit? Overal spullen, kleding (niet schoon en wel schoon) door elkaar. Ik haal her gordijn een stukje weg en zie tot mijn verbazing, eh meer tot mijn verbijstering vier grote flessen frisdrank staan. maar die zitten niet bepaald vol met frisdrank. Ach, als je geen zin hebt om naar beneden te gaan dan doe je het toch in een fles? En dan gaat het er natuurlijk niet allemaal netjes in dus vandaar die lucht. Ik doe de kast open en er buitelt aardig wat rommel al naar buiten. Ik kom lege verpakking tegen van koek en snoep die verdacht veel lijken op dat wat ik uit de voorraadkast mis. Als ik dit allemaal zie denk ik, heel mijn voorraadkast is leeg gesnaaid. Laat maar liggen oppert manlief. Ik spreek hem wel aan uit school. Lastig voor mij want de opruim drang zit er dan wel in. Maar die flessen? Die ga ik echt niet leegmaken. Dus laat ik de kamer voor wat die is.
Direct ga ik de andere ook even langs. Nu ik toch bezig ben. De één is keurig netjes. Gelukkig. heb ik toch nog wat over kunnen brengen. Maar de andere is op een andere manier ook een troep. Die heeft op school een houten kist gemaakt en gebruikt die voor afval, schone was en vuile was. Dat de schone was in de kast hoort? Oh dat weet ik eigenlijk niet meer. Dit pleegje krijgt altijd hulp van onze stagiair om zijn kamer te doen omdat het anders niet lukt. Dus ik geef ze de opdracht om ook even de kist en de kasten na te lopen. Dat was even schrikken. Ogenschijnlijk is de kamer netjes, maar ja. Die kast. Kom daar maar niet in hoor: zegt pleegje. Stagiair doet toch de kast open. En daar komt een boterham uit, een vieze appel en nog veel meer troep. Als we vragen waar die appel toch vandaan komt zegt hij vrolijk: oh die is nog van de schoolreis van de Zandbaan. ??Dat was voor de zomervakantie.!!
Als wij in een daverende lacht schieten kijkt hij ons verbaasd aan. Waarom lachen jullie?
Nou, je snapt wel dat onze vuilcontainers vol zaten. Er kwamen aardig wat vuilniszakken uit die kamers. En ook de wasmand zat vol, want als alles door elkaar ligt gooi je toch alles in de was? Ik neem me voor om toch wat meer te controleren. Of niet. Loslaten zeggen we dan. Misschien wat vaker even herinneren aan het opruimen van de kamers? Meer bijsturen? In elk geval is er een slot op de voorraadkast gegaan. Daar kan niet meer in gesnaaid worden als wij liggen te slapen.
Ben benieuwd hoe de kamers er de komende weken uit zullen zien. Tot nu toe gaat het goed. Maar hoelang houden ze het vast? En kan ik dan loslaten? Ook dit gaat de ene keer beter dan de andere keer. Zo hadden we een pleegje die in de hoek van zijn kamer had geplast. geen zin om naar toilet te gaan? Of uitdagen? Hij lag nog maar een half uurtje op bed en was al twee keer na toilet geweest. dus daar kon het niet aan liggen. Hij was ook al boos geweest daarvoor. Ik ga kijken waarom het zo'n herrie is op zijn kamer en het licht brand en ik zie een natte plek in zijn broek. Terwijl hij nog een luier draagt. Ik heb hier geplast. triomfantelijk kijkt hij me aan. Oké: zeg ik. Dat is dan jou probleem. Welterusten. Ik zie voordat ik het licht uitdoe en de deur sluit nog het verbaasde koppie. Maar ik hoor niets meer. De volgende morgen geef ik hem na het douchen een emmer en een dweil. Hij kijkt me verbaasd aan. Dweil maar even je plas weg: zeg ik rustig. Al zuchtend doet hij dit. Dit herhaald zich de volgende dag nog een keer. maar ik reageerde op dezelfde manier. En toen was het klaar. Ik leer het wel!
Langzaam merk ik aan mezelf dat, na de heftige periode in ons gezinshuis voor de kerstvakantie, mijn energie weer terug komt. Alles komt tot rust, voor zover dat kan met nog zes pleegjes. Ik kan weer genieten van de dingen van alle dag en tijd nemen voor mezelf. Ook aan de andere kinderen merken we dat ze ontspannen. Zo is er al bijna weer een maand voorbij in het nieuwe jaar.
Met een lach en een traan. En een kind dat verzucht: u bent toch de liefste pleegmoeder, want u doet altijd alles voor ons.
dinsdag
kerstvakantie en laatste blogbericht 2015
We zijn inmiddels een paar weekjes verder, na het wegloopincident, en we merken dat onze kinderen in rustiger vaarwater komen. Hoewel dit lastig is in de decembermaand. Maar toch. En daarbij komen wij ook tot rust.
Van een periode met strijkkralen, loom elastiekjes is het nu draadjes en spelden door het huis. Pleegje is gaan naaien. Net 11 jaar. Maar ze wil leren naaien. We hebben een eenvoudig naaimachine gekocht voor haar en ze is direct aan de slag gegaan. En ik ook. Ik heb al jaren geen kleding meer genaaid. Ik moet zeggen dat ik ook niet erg creatief ben en moeilijke dingen niet kan. Maar een rok of jurkje dat lukt nog wel. En pleegje pakt het aardig op. Ik heb haar voorgedaan hoe ze eerst het patroon moet tekenen en dan de volgende stappen. Pff, moet ik eerst zoveel doen? Ze wil het eigenlijk direct onder de naaimachine leggen. Maar ze heeft netjes alles gedaan wat ik haar voorgedaan had. Toen het jurkje klaar was wilde ze het nog opleuken. En dat gaat dan echt op de manier die ons pleegje eigen is. Knip een gat in de jurk , want daar moet een strik komen. Toen ik haar vertelde dat dit ook eigenlijk anders moet zei ze: ik mocht tot aanrommelen? Nou, dat doe ik dan ook. Ze is er dagen zoet mee geweest. Geen lap stof of oude kleding is meer veilig. We gaan snel op zoek naar iemand die haar naailes kan geven.
Sinterklaas avond, de verjaardag van pleegje en de aanloop naar de vakantie gaf veel stuiter gedrag. En dan is het eindelijk vakantie. Ik moet zeggen dat ik er zelf ook best even aan toe was. Geen wekker zetten om zes uur. Zo min mogelijk afspraken. Tijd doorbrengen met elkaar. En dat hebben we gedaan. En dan zie je weer dat wat voor mij zo gewoon is, op stap gaan met onze gezinshuis kids, voor anderen steeds weer een bezienswaardigheid is en zelfs ongeloofwaardig. Dinsdag was een verrassingsdag. We hadden twee kinderen te logeren dus met acht kinderen en onze stagiair togen we naar Terneuzen. Al snel hadden een paar kinderen in de gaten wat we gingen doen. Skiën. De twee jongste niet. Die mochten hun gang gaan op de ijsglijbaan met een band of slee. Voor de rest had ik skiën gehuurd. Maar ja, als je het nooit gedaan hebt. Ik probeerde dat wat ik zelf geleerd had een beetje over te brengen. Maar dat schoot blijkbaar een beetje verkeerd bij een skilerares. Bent u hier aan het les geven mevrouw? Eh, nee ik leg mijn kinderen even uit hoe ze het moeten doen. Ze kijkt verbaasd en een beetje geïrriteerd naar al die kinderen. Zijn die allemaal van u? Vanwege haar houding had ik niet zoveel zin om het uit te leggen en ik zei: ja, die zijn allemaal van mij. Ze gaf me nog even een reprimande en keek nog een keer hoogst verbaasd naar de kinderen. Maar haar ogen volgden ons steeds. Onze pleegjes zijn dus helemaal niet bang en zien natuurlijk geen gevaar. Dus na een poosje dachten ze wel van boven naar beneden te kunnen. Op de beginnershelling. Daar is die toch voor? De twee jongste meiden hadden het echt onder de knie. Ze remden zoals ik ze had uitgelegd en genoten er echt van. Maar de anderen hadden er toch meer moeite mee. Naar beneden gaan is niet zo moeilijk, maar dan op tijd stoppen. Dus de een na de ander dook in afscheidingsmat. Of gingen daar langs en kwamen tegen de muur tot stilstand. Na drie keer een uitbrander te hebben gekregen van de niet al te vriendelijk mevrouw mochten ze niet meer van boven naar beneden. De kinderen begrepen er niets van. En vonden het ook niet leuk, want na een tijdje te hebben geoefend vonden ze dat ze best weer van boven konden. Nu snap ik dat er gekeken moet worden naar de veiligheid van iedereen en het ging ook echt niet goed af en toe. Maar de manier waarop dit gecommuniceerd werd was ronduit agressief. Ze dreigde dat als ze nog één keer zag dat ze naar boven gingen ze hier niet meer naar binnen kwamen. Maar al met al hebben we allemaal genoten. Na twee uurtjes op de baan was het ook genoeg. Op de terug weg nog even naar de Mac en de dag was weer om. Het was een hele ervaring voor onze pleegjes.
Woensdag was voor één van de zusje het einde van het logeren. Nadat ik haar had thuisgebracht ben ik begonnen met de boodschappen. Dat is normaal al een sport maar met drie dagen achter elkaar is dat helemaal een sport. Verbaasd kijk ik de supermarkt rond. Wat een drukte. Ik sta al in de rij voor een parkeerplek. In de winkel is het al niet veel rustiger. ik manoeuvreer mijn winkelwagentje door de drukte heen. Ik weet wat ik allemaal nodig heb. Want dat heb ik wekelijks nodig. Heb ik normaal al bekijks met mijn volle kar, nu helemaal. Zo, merkt een oude man achter me bij de kassa op: moet u een heel weeshuis voeden? Ik kijk hem lachend aan en zeg: ja meneer. Dat doe ik iedere dag. De kassa juffrouw lacht. Ze kent ons gezinshuis en weet dat dit mijn tweedaagse boodschappen zijn. Ik roep mezelf tot de orde. Soms kan het me mateloos irriteren. Dat bemoeien van mensen. Zijn dat allemaal u kinderen. Hebt u zoveel eten nodig? Waar komen u kindjes vandaan? Mag ik even aan het haar voelen. Grrr. Maar goed. Ik kan er beter de humor maar van inzien.
Tussen de drukte door hebben we ook intern nog verhuisd. Omdat er een pleegje weg is kwam er een grote kamer vrij. En die wilde ons naaipleegje wel graag hebben. Haar kamer kwam daarmee ook vrij en is groter dan de kamer van onze jongste dus ook die is verhuisd. Nu hebben we nog een kleine kamer over. Wat de bestemming is weten we nog niet. Een nieuw kindje of even niet.? Daar gaan we in het nieuwe jaar over in gesprek.
Nu, na alle drukke dagen, en met oudejaarsavond nog in het verschiet, is het rustig in huis. Op de achtergrond hoor ik het gezoem van de naaimachine. Het doet me denken aan vroeger. Ik met een boek in de bank en mijn moeder achter de naaimachine. Pleegje heeft een paar oude gordijnen gekregen en probeert een jurk te naaien. Spanning hangt er nog iets in de lucht. Want blijven we allemaal wakker met oudejaarsavond?
Op een aantal bijt, klauw en schop incidenten na, die nog zichtbaar zijn op mijn arm, is de vakantie best goed verlopen. Mede ook met de inzet en hulp van onze stagiair die oneindig veel geduld had en spelletjes deed en zelfs een keer de nagels liet lakken door de meiden.Toch is twee weken voldoende. Straks heerlijk weer naar school en het ritme van alle dag zal zeker nog meer rust brengen. Deze kinderen hebben als geen ander rust, regelmaat en voorspelbaarheid nodig.
Als ik terug kijk op het afgelopen jaar zie ik terug op een bewogen jaar. Soms ging het even niet. Moesten we afscheid nemen. Had ik blauwe plekken of de tanden in mijn armen. Was er onbegrip bij anderen en moesten we knokken voor onze kinderen. Maar door alles heen mag ik terug kijken op een jaar vol met zegeningen. Het leven is vallen en opstaan. Zeker in een gezinshuis. Maar we mogen dit met elkaar doen. Als de één valt richt de ander hem weer op. Pleegbroers en pleegzussen kies je niet uit. die komen gewoon bij je wonen, en je moet het met elkaar doen. En dan zie ik dat als wij hierin het voorbeeld geven, ze naast alle onenigheid die er is, toch voor elkaar gaan. Om elkaar geven. Op hun manier. Soms het niet kunnen uiten of laten blijken zoals de maatschappij dit verwacht. Soms ook zo wanhopig graag een gewoon kind in een gewoon gezin willen zijn. Zoals pleegje verzuchtte: ik wou dat ik uit u buik gekomen was. Maar met elkaar gaan we op weg. En door alles heen zien we de zegen van God op ons gezin. Telkens weer als ik het even niet meer zie, mag ik putten uit Zijn kracht, liefde en trouw. Alles wat ik tekort kom geeft Hij mij. Met dat vertrouwen gaan we met elkaar het nieuwe jaar in.
Ik dank u voor het lezen van mijn verhalen. Voor het meeleven in welke vorm dan ook. De berichtjes stimuleren en bemoedigen mij. En ik hoop dat u ook het komende jaar weer zult genieten van mijn blogberichten over ons leven in ons gezinshuis.
Iedereen een gezegend 2016 toegewenst.
Van een periode met strijkkralen, loom elastiekjes is het nu draadjes en spelden door het huis. Pleegje is gaan naaien. Net 11 jaar. Maar ze wil leren naaien. We hebben een eenvoudig naaimachine gekocht voor haar en ze is direct aan de slag gegaan. En ik ook. Ik heb al jaren geen kleding meer genaaid. Ik moet zeggen dat ik ook niet erg creatief ben en moeilijke dingen niet kan. Maar een rok of jurkje dat lukt nog wel. En pleegje pakt het aardig op. Ik heb haar voorgedaan hoe ze eerst het patroon moet tekenen en dan de volgende stappen. Pff, moet ik eerst zoveel doen? Ze wil het eigenlijk direct onder de naaimachine leggen. Maar ze heeft netjes alles gedaan wat ik haar voorgedaan had. Toen het jurkje klaar was wilde ze het nog opleuken. En dat gaat dan echt op de manier die ons pleegje eigen is. Knip een gat in de jurk , want daar moet een strik komen. Toen ik haar vertelde dat dit ook eigenlijk anders moet zei ze: ik mocht tot aanrommelen? Nou, dat doe ik dan ook. Ze is er dagen zoet mee geweest. Geen lap stof of oude kleding is meer veilig. We gaan snel op zoek naar iemand die haar naailes kan geven.
Sinterklaas avond, de verjaardag van pleegje en de aanloop naar de vakantie gaf veel stuiter gedrag. En dan is het eindelijk vakantie. Ik moet zeggen dat ik er zelf ook best even aan toe was. Geen wekker zetten om zes uur. Zo min mogelijk afspraken. Tijd doorbrengen met elkaar. En dat hebben we gedaan. En dan zie je weer dat wat voor mij zo gewoon is, op stap gaan met onze gezinshuis kids, voor anderen steeds weer een bezienswaardigheid is en zelfs ongeloofwaardig. Dinsdag was een verrassingsdag. We hadden twee kinderen te logeren dus met acht kinderen en onze stagiair togen we naar Terneuzen. Al snel hadden een paar kinderen in de gaten wat we gingen doen. Skiën. De twee jongste niet. Die mochten hun gang gaan op de ijsglijbaan met een band of slee. Voor de rest had ik skiën gehuurd. Maar ja, als je het nooit gedaan hebt. Ik probeerde dat wat ik zelf geleerd had een beetje over te brengen. Maar dat schoot blijkbaar een beetje verkeerd bij een skilerares. Bent u hier aan het les geven mevrouw? Eh, nee ik leg mijn kinderen even uit hoe ze het moeten doen. Ze kijkt verbaasd en een beetje geïrriteerd naar al die kinderen. Zijn die allemaal van u? Vanwege haar houding had ik niet zoveel zin om het uit te leggen en ik zei: ja, die zijn allemaal van mij. Ze gaf me nog even een reprimande en keek nog een keer hoogst verbaasd naar de kinderen. Maar haar ogen volgden ons steeds. Onze pleegjes zijn dus helemaal niet bang en zien natuurlijk geen gevaar. Dus na een poosje dachten ze wel van boven naar beneden te kunnen. Op de beginnershelling. Daar is die toch voor? De twee jongste meiden hadden het echt onder de knie. Ze remden zoals ik ze had uitgelegd en genoten er echt van. Maar de anderen hadden er toch meer moeite mee. Naar beneden gaan is niet zo moeilijk, maar dan op tijd stoppen. Dus de een na de ander dook in afscheidingsmat. Of gingen daar langs en kwamen tegen de muur tot stilstand. Na drie keer een uitbrander te hebben gekregen van de niet al te vriendelijk mevrouw mochten ze niet meer van boven naar beneden. De kinderen begrepen er niets van. En vonden het ook niet leuk, want na een tijdje te hebben geoefend vonden ze dat ze best weer van boven konden. Nu snap ik dat er gekeken moet worden naar de veiligheid van iedereen en het ging ook echt niet goed af en toe. Maar de manier waarop dit gecommuniceerd werd was ronduit agressief. Ze dreigde dat als ze nog één keer zag dat ze naar boven gingen ze hier niet meer naar binnen kwamen. Maar al met al hebben we allemaal genoten. Na twee uurtjes op de baan was het ook genoeg. Op de terug weg nog even naar de Mac en de dag was weer om. Het was een hele ervaring voor onze pleegjes.
Woensdag was voor één van de zusje het einde van het logeren. Nadat ik haar had thuisgebracht ben ik begonnen met de boodschappen. Dat is normaal al een sport maar met drie dagen achter elkaar is dat helemaal een sport. Verbaasd kijk ik de supermarkt rond. Wat een drukte. Ik sta al in de rij voor een parkeerplek. In de winkel is het al niet veel rustiger. ik manoeuvreer mijn winkelwagentje door de drukte heen. Ik weet wat ik allemaal nodig heb. Want dat heb ik wekelijks nodig. Heb ik normaal al bekijks met mijn volle kar, nu helemaal. Zo, merkt een oude man achter me bij de kassa op: moet u een heel weeshuis voeden? Ik kijk hem lachend aan en zeg: ja meneer. Dat doe ik iedere dag. De kassa juffrouw lacht. Ze kent ons gezinshuis en weet dat dit mijn tweedaagse boodschappen zijn. Ik roep mezelf tot de orde. Soms kan het me mateloos irriteren. Dat bemoeien van mensen. Zijn dat allemaal u kinderen. Hebt u zoveel eten nodig? Waar komen u kindjes vandaan? Mag ik even aan het haar voelen. Grrr. Maar goed. Ik kan er beter de humor maar van inzien.
Tussen de drukte door hebben we ook intern nog verhuisd. Omdat er een pleegje weg is kwam er een grote kamer vrij. En die wilde ons naaipleegje wel graag hebben. Haar kamer kwam daarmee ook vrij en is groter dan de kamer van onze jongste dus ook die is verhuisd. Nu hebben we nog een kleine kamer over. Wat de bestemming is weten we nog niet. Een nieuw kindje of even niet.? Daar gaan we in het nieuwe jaar over in gesprek.
Nu, na alle drukke dagen, en met oudejaarsavond nog in het verschiet, is het rustig in huis. Op de achtergrond hoor ik het gezoem van de naaimachine. Het doet me denken aan vroeger. Ik met een boek in de bank en mijn moeder achter de naaimachine. Pleegje heeft een paar oude gordijnen gekregen en probeert een jurk te naaien. Spanning hangt er nog iets in de lucht. Want blijven we allemaal wakker met oudejaarsavond?
Op een aantal bijt, klauw en schop incidenten na, die nog zichtbaar zijn op mijn arm, is de vakantie best goed verlopen. Mede ook met de inzet en hulp van onze stagiair die oneindig veel geduld had en spelletjes deed en zelfs een keer de nagels liet lakken door de meiden.Toch is twee weken voldoende. Straks heerlijk weer naar school en het ritme van alle dag zal zeker nog meer rust brengen. Deze kinderen hebben als geen ander rust, regelmaat en voorspelbaarheid nodig.
Als ik terug kijk op het afgelopen jaar zie ik terug op een bewogen jaar. Soms ging het even niet. Moesten we afscheid nemen. Had ik blauwe plekken of de tanden in mijn armen. Was er onbegrip bij anderen en moesten we knokken voor onze kinderen. Maar door alles heen mag ik terug kijken op een jaar vol met zegeningen. Het leven is vallen en opstaan. Zeker in een gezinshuis. Maar we mogen dit met elkaar doen. Als de één valt richt de ander hem weer op. Pleegbroers en pleegzussen kies je niet uit. die komen gewoon bij je wonen, en je moet het met elkaar doen. En dan zie ik dat als wij hierin het voorbeeld geven, ze naast alle onenigheid die er is, toch voor elkaar gaan. Om elkaar geven. Op hun manier. Soms het niet kunnen uiten of laten blijken zoals de maatschappij dit verwacht. Soms ook zo wanhopig graag een gewoon kind in een gewoon gezin willen zijn. Zoals pleegje verzuchtte: ik wou dat ik uit u buik gekomen was. Maar met elkaar gaan we op weg. En door alles heen zien we de zegen van God op ons gezin. Telkens weer als ik het even niet meer zie, mag ik putten uit Zijn kracht, liefde en trouw. Alles wat ik tekort kom geeft Hij mij. Met dat vertrouwen gaan we met elkaar het nieuwe jaar in.
Ik dank u voor het lezen van mijn verhalen. Voor het meeleven in welke vorm dan ook. De berichtjes stimuleren en bemoedigen mij. En ik hoop dat u ook het komende jaar weer zult genieten van mijn blogberichten over ons leven in ons gezinshuis.
Iedereen een gezegend 2016 toegewenst.
maandag
wegloper
Het is nog rustig in huis. Alle kinderen zijn dit weekend logeren en ik heb even tijd om tot rust te komen. En dat was even nodig. Wat een weken hebben we achter de rug. En toen was het weer zover. Vorige week hadden we een wegloper. En dan is ons gezinshuis even van slag. De andere kinderen zijn gespannen. Wanneer komt hij terug? En hoe komt hij terug? Is hij nog steeds zo boos als eerder op de dag? En komt de politie? De gesprekken gaan over het niet begrijpen. Waarom doe je dit? Vragen , vragen. Als de telefoon gaat dat pleegje gevonden is komt er meer rust in ons huis. Maar dan komt de vraag: komt pleegje terug? Voorheen hadden we al twee keer weglopers die daarna uitgeplaatst zijn. Een kind dat niet bij je wil zijn en steeds wegloopt is niet te doen. We willen ook nog gewoon gezin zijn. De hele week stond in het teken van bellen, afspraken maken en zoeken naar een juiste plek. Want we zijn met elkaar tot de conclusie gekomen dat terug komen geen optie is. Niet voor pleegje en niet voor de andere kinderen.En dan moet ik loslaten. Niet echt mijn sterkste kant. Ook al weet ik dat het echt niet meer haalbaar is, vind ik het lastig om het los te laten. Ook al weet ik dat we er als gezinshuis met elkaar alles aan gedaan hebben om deze plaatsing te laten slagen. Toch ga ik eerst weer naar mezelf kijken. Wat had ik anders kunnen doen? Waar had ik het anders kunnen doen? Of was de matching al niet goed? Dat is telkens weer het moeilijke in ons werk. Je werkt niet met dingen maar met kinderen. Kinderen die er niet om gevraagd hebben, om deze omstandigheden en alles wat hem is overkomen. Kinderen die zich niet kunnen hechten. Soms zie je heel voorzichtig bodem komen in hun bestaan. Ze gaan vertrouwen krijgen en zich heel broos hechten aan hun opvoeders. Maar als dit er helemaal niet is, is het lastig. Zeker voor het kind. Dat wil zo graag, maar het lukt hem gewoon niet. Geen bodem hebben. Niemand vertrouwen als alleen jezelf. Dan kunnen wij er alles aan doen om tegemoet te komen aan wat het kind nodig heeft en dingen aan te leren. Maar dan is juist een gezin ( hoe gek het ook klinkt), een bedreiging. Hoe vermoeiend en frustrerend voor een kind als je niet kan voldoen aan wat de maatschappij van je verwacht. Als je niemand vertrouwd dan alleen jezelf. Als je niet je eigen onmacht kan zien en voelen. Alleen maar angst. Angst om de touwtjes uit handen te geven en over te geven aan volwassenen die het beste met je voor hebben. Angst om wat er dan gaat gebeuren. ik zie pleegje vechten. Niet weten hoe het moet. Niet snappen hoe het werkt. Bang, verdrietig en eenzaam. Kopje onder gaan en weer boven komen. Om je heen slaan. De uitgestoken hand niet zien, maar juist weg slaan. En dan blokker je alles gewoon. Of het niet gebeurt is. En ga je verder waar je gebleven bent. Je spullen ingepakt, op naar de volgende fase. Overleven. Ik heb het al zo vaak gezien. En toch blijft het moeilijk. Word ik er verdrietig van. Het is een kind met een heel leven voor zich.
Dan is het even heerlijk om een weekend te hebben zonder kinderen om je heen. Even tot rust komen. En als ik dan de week terug kijk zie ik weer heel veel mooie dingen die er ook zijn. Kinderen die de angst hebben kunnen loslaten. Nog niet helemaal, maar zo op weg zijn om stabiel te worden. Zo op hun plek zijn in ons gezinshuis. Langzaam druppelen de kinderen binnen. Benieuwd naar de sint inkopen die gedaan zijn. Haha, dat is nog een verrassing.
Het zal nog even tijdkosten voordat ons gezinshuis weer stabiel is na alle storm.
Dan is het even heerlijk om een weekend te hebben zonder kinderen om je heen. Even tot rust komen. En als ik dan de week terug kijk zie ik weer heel veel mooie dingen die er ook zijn. Kinderen die de angst hebben kunnen loslaten. Nog niet helemaal, maar zo op weg zijn om stabiel te worden. Zo op hun plek zijn in ons gezinshuis. Langzaam druppelen de kinderen binnen. Benieuwd naar de sint inkopen die gedaan zijn. Haha, dat is nog een verrassing.
Het zal nog even tijdkosten voordat ons gezinshuis weer stabiel is na alle storm.
zaterdag
emoties
Ik kijk naar het rustige water voor me. Het zou ook mij wat rust moeten geven, maar ik voel me het tegenovergestelde. Het stormt in mijn hoofd. En het wil maar niet tot rust komen. Het lijkt wel of alle gevoel in me gedoofd is. Rusteloos staar ik voor me uit. Ik sla mijn ogen op en vanbinnen schreeuw ik het uit naar God. Wat is er toch met me aan de hand? Zo vaak was het drukte en stress. Zo vaak gebeurden er dingen die ik anders gepland had. Zo vaak liep alle voor mijn gevoel in het honderd. Is mijn rek er nu uit? Mijn gedachten gaan alle kanten op. In mijn borrelt een lied op. Kom tot Mij allen die vermoeit en belast zijt. Ik geeft je rust. Ik zucht. Ja ik weet het. Ik put op dit moment teveel uit mijn eigen bron in plaats van uit Gods bron. Ik wil alles maar oplossen, maar ik kan gewoon niet alles oplossen. en dat wat ik doe is goed. Er gebeurt zoveel rondom ons gezinshuis. Maar dit werkt door in ons privé. Want het loopt zo door elkaar heen. En telkens weer moet ik me daarvan bewust worden. Tijd nemen om op adem te komen. Los te komen van alles wat me onrustig maakt. En dat is zo ontzettend moeilijk. Ik probeer soms echt stil te worden. En dat lukt me gewoon niet. Mijn gedachten gaan alle kanten op. Ik hoor soms mensen zeggen dat ze echt aan niks kunnen denken. Ik heb die gave niet. Ik kan niet aan niks denken. Er zitten altijd gedachten in mijn hoofd. Wat ik wel kan is alles wegleggen dat mij belemmert. En daarvoor andere gedachten in de plaats te krijgen. Het positieve blijven zien. En als ik dat dan even kwijt ben voelt dat vreselijk. Omdat het gewoon iets is wat niet bij mij past. Ik ga altijd door en zie altijd een lichtpuntje. Ik was het even kwijt. Tot je tot de ontdekking komt dat er steeds lichtpuntjes om je heen zijn geweest maar ik ze niet altijd zag. Mensen die er voor je zijn. Die voor je bidden. Die zien dat het soms moeilijk is en zwaar. Waardoor ik weer op krachten kan komen. Soms heb ik het gevoel dat ik alle ballen in de lucht moet houden. Ervoor moet zorgen dat het altijd gezellig is en niemand ruzie heeft. Maar dat lukt gewoon niet. de afgelopen tijd was er niet anders dan ruzie en onenigheid. Boze buien. Scheld partijen en kinderen die roepen dat ze niet meer bij me willen wonen omdat ik gewoon een rot moeder ben. En het gekke is dat ik daar altijd goed mee om kon gaan. Het raakte me niet omdat ik weet waar het vandaan komt en ze meestal zomaar iets roepen. Vanuit hun eigen angst en onzekerheid. Maar als je zelf niet veel energie meer hebt komt het wel binnen. Als je ziet dat kinderen die het goed deden meegenomen worden in negatief gedrag is het soms ineens op. Wat was het heerlijk om er even een weekje tussenuit te zijn. Even met een paar van onze eigen kinderen op vakantie. Thuis? Dat kon ik met een gerust hart achterlaten. Dat regelt onze dochter met haar man wel. De eerste dagen was het ook even wennen om weg te zijn. Ik was nog bezig om alle ballen in de lucht te houden. Want het wil niet zeggen dat onze eigen kinderen nooit geen meningsverschil hebben. En dan ben je ineens weer even op elkaar aangewezen zonder pleegjes. We gingen naar Londen. En dan krijg je als eerste de vraag: wat gaan we doen? Iedereen heeft hier iets over te zeggen. Maar uiteindelijk hebben we ervan genoten. Het was goed om dit te doen. Dingen bezoeken en bekijken en met elkaar eten. Een heerlijke week om op terug te kijken.
Nu stormt het buiten. De regen klettert tegen mijn raam. Maar binnen in mij is het een kalme zee. Rust. Ik mag loslaten. God gaf mij een taak. Maar laat mij niet alleen dobberen.
Door goed naar mezelf te kijken en naar de afgelopen periode ben ik tot de ontdekking gekomen dat het tijd is om keuzes te maken. Hoe komt het dat ik een beetje leegloop? Wat mis ik? Ik ben vanaf de verhuizing naar Zeeland alleen maar bezig geweest met ons gezinshuis en alles daarom heen. De jaren daarvoor gebruikte ik mijn talenten ook voor allerlei andere dingen. Trainingen geven, vrouwengroep leiden. Nu is het tijd om ook daarvoor weer tijd in te ruimen. Tijd voor mezelf, tijd om ook buiten het gezinshuis iets te doen. Even alle beslommeringen achter me laten.
Het is een keuze om te blijven hangen in dingen die ik anders had gewild en anders zijn gelopen. Het is een keuze om te blijven hangen in teleurstelling van verwachtingen die niet uitkomen. Het is een keuze om daaruit te stappen en me niet te laten leiden door emotie en door de omstandigheden. Want dan komt mijn schip in de storm. Ik las de volgende spreuk:
"Gevoelens lijken op golven, je kunt ze niet tegenhouden, maar je kunt wel kiezen op welke golf je surft. (Jonathan Mártensson)
Door goed naar mezelf te kijken en naar de afgelopen periode ben ik tot de ontdekking gekomen dat het tijd is om keuzes te maken. Hoe komt het dat ik een beetje leegloop? Wat mis ik? Ik ben vanaf de verhuizing naar Zeeland alleen maar bezig geweest met ons gezinshuis en alles daarom heen. De jaren daarvoor gebruikte ik mijn talenten ook voor allerlei andere dingen. Trainingen geven, vrouwengroep leiden. Nu is het tijd om ook daarvoor weer tijd in te ruimen. Tijd voor mezelf, tijd om ook buiten het gezinshuis iets te doen. Even alle beslommeringen achter me laten.
Het is een keuze om te blijven hangen in dingen die ik anders had gewild en anders zijn gelopen. Het is een keuze om te blijven hangen in teleurstelling van verwachtingen die niet uitkomen. Het is een keuze om daaruit te stappen en me niet te laten leiden door emotie en door de omstandigheden. Want dan komt mijn schip in de storm. Ik las de volgende spreuk:
"Gevoelens lijken op golven, je kunt ze niet tegenhouden, maar je kunt wel kiezen op welke golf je surft. (Jonathan Mártensson)
woensdag
onze trouwdag
Verbaasd kijk ik de kamer in. Er hangt van alles. En ik begrijp er niets van. Wie is er zo vroeg al in de woonkamer geweest? Het is kwart over 6 en het is overal nog heel stil. Het is vandaag(30 september) onze 28ste trouwdag. De dag ervoor had ik het uit mijn mond laten vallen. Ik dacht dat het toen al de 30ste was en ik het vergeten was. Manlief verdedigd zich snel: ik ben het echt niet vergeten hoor, maar het is morgen. Als ik 's avonds de jongste in bed heb gelegd is de woonkamer leeg. Dat is op z'n minst vreemd te noemen. Want na het douchen willen ze eigenlijk allemaal op hun tablet. Ik hoor boven gefluister en ik zie een paar ogen boven aan de trap die naar me kijken. U komt niet naar boven toch? Ze zullen dus wel ergens mee bezig zijn. En dat hing die morgen allemaal al in de woonkamer. Ik ga naar onze crea pleeg toe. Die is al wakker en kijkt me lachend aan. Leuk hé? vraagt ze. Ja, maar wanneer heb je dat gedaan dan. En dan komt het verhaal er met geuren en kleuren uit. Ze is gewoon wakker gebleven en toen mama kwam kijken deed ik nepslapen. En als u in bed lag zou ik de andere roepen. Om twaalf uur hadden we afgesproken. Maar toen u naar bed ging om half 11 wilde ik naar de woonkamer gaan om de andere te roepen, maar toen ging grote broer nog televisie kijken. Maar pleegje laat zich niet snel uit het veld slaan. Dan wacht je toch gewoon in het donker in de veranda tot hij weg is? En toen hij eindelijk na een uur ging douchen is ze naar de andere kinderen gegaan. Maar ook dat was nog een sport. Want die sliepen allemaal. Ze heeft er één wakker kunnen krijgen. Samen hebben ze de knutselwerkjes opgehangen. Maar pleegje dacht dat een discolamp ook wel leuk zou zijn. En daardoor trok ze de aandacht van grote broer. Die hoorde allemaal gestommel en zag lichten. Dus die ging hij even een kijkje nemen. Maar ja, toen pleegje uitlegde wat ze aan het doen waren heeft hij ze maar hun gang laten gaan. Maar die lamp moest toch maar uit. Ik snap er helemaal niets van. Dat ik dat niet gehoord heb. Ik ben altijd zo snel wakker en hoor alles. Ze heeft wel echt heel stil gedaan. Maar dat maakte de verrassing natuurlijk wel erg leuk.
Er hingen zelf gemaakte vlaggetje en een grote tekening met van alles erop geschreven.
Er hingen zelf gemaakte vlaggetje en een grote tekening met van alles erop geschreven.
En 's middags werden we nog verrast door de postbode. Die kwam iets brengen van onze kleinzoon.
En ja, dan moet je toch even wat lekkers halen voor bij de koffie. De kinderen hadden zo hun best gedaan. Bij de Jumbo vroeg de mevrouw achter de kassa of ik iets te vieren had. Dus ik vertel het verhaal van de kinderen. Ze pakt haar telefoon en fluistert er iets in. Ik ruin mijn boodschappen in de kar terug en wil weggaan. En dan staat er een medewerker met een bos bloemen. Dat is toch een heel leuk gebaar. En dan met de bos rozen van manlief is het toch feest.
Het weekend was ons vrije weekend en we hadden besloten om ook echt even vrij te nemen. Dus even weg te gaan. Als je thuis blijft vragen de dingen van alle dag toch weer om aandacht. En we merkte dat we het echt even nodig hadden om samen te zijn. Anders versloft ook je huwelijk. En kom je niet meer aan elkaar toe en heb je alleen nog maar gesprekken over de kinderen, dus over werk. Ik wil zelf al heel lang een keer skiën. Maar André vind de wintersport maar niks. Dus ik had bedacht om dan maar indoor te gaan skiën. Als verrassing, want ik weet dat als ik het van te voren zou zeggen André het niet zou zien zitten. Een hotel in Terneuzen geboekt en een ski les aldaar op de skischool. Dat was inderdaad een complete verrassing. maar hij liet zich niet kennen. We hadden een les van een uur en mochten daarna nog een uur zelf skiën. Na het uur les hield André het voor gezien. Het is leuk om een keer gedaan te hebben, maar hij vind het erg moeilijk. Ik daarentegen niet. Ik vond het ontzettend leuk en heb dan ook het uur daarna lustig verder geskied. Achteraf had ik de schoenen iets te strak gedaan en hield er dus wel blauwe plekken aan over op mijn scheenbenen. Maar goed. Het was de moeite waard en ik wil nog wel een keer. Maar het feit dat je weer eens iets samen onderneemt is al leuk. We hebben veel gepraat en genoten . Het weer hielp ook goed mee. Thuisgekomen overvalt je de drukte weer, maar ook daar geniet ik van. Alle kinderen die thuiskomen of er al zijn en hun verhaal vertellen. Drie pleegje logeren bij onze twee dochters. En zij hebben met elkaar ook een dagje uit gehad. Dus je snapt dat dan iedereen iets wil vertellen en ook hebben sommige kinderen even last van omschakelen. en dat uit zich in niet echt gezellig gedrag. Dan is het heerlijk als alles eindelijk op bed ligt. Rust. Morgen weer een nieuwe week. De enorme berg was? Die wacht wel. Morgen...
Maandag is het de dag van de leraar. Ik had het in de agenda gezet, want anders weet ik dat ik het vergeet. Tijdens ons weekendje weg had ik al wat gekocht. De beide meisjes hebben een juf en een meester. En onze jongste twee juffen. Bij de meisjes op school was het bekent dat dit de dag van de leraar was maar bij onze jongste wist ik het niet. Dus ikhad er een briefje aan gedaan. Pleegje wilde dit zelf voorlezen, zo hoorde ik van de juf. Ik zie het voor me. Zo trots als hij dan kan zijn. Zo graag zelf altijd alles willen hebben en geen rem hebben. Zo goed kan hij ook geven. Ik zie hem al genieten voordat hij naar school gaat. Ik heb iets voor de juf en dat is een verrassing. Dan is mijn dag al weer goed. Maar voordat het avond is komt toch die boosheid weer. Zo ongrijpbaar, het overkomt hem, zo moeilijk om te zien dat een kind zo weinig grip heeft op zichzelf. En er zo verdrietig van kan worden. Geen woorden heeft om zich te uiten, maar alleen de boosheid die eruit moet. Maar dan toch weer die nabijheid zoekt en troost zoekt mij ons. Dat hebben we in elk geval bereikt. Vertrouwen nog heel klein, in ons als opvoeders.
En die vuile was...die werd dinsdag nog groter. Ik ruik. Niet echt fris op de slaapkamer van pleegje. Ik haal haar dekbed weg en ik zie de oorzaak. Overgegeven. Als ik later in de keuken kom zie ik haar brood nog liggen. Gelukkig had ik een afspraak dus kwam ik toch langs school. Daar smeekt ze me of ze mee mag naar huis, want ze is niet lekker. Maar ik zag haar druk spelen en ze oogde niet echt ziek. Ik schud mijn hoofd. Nee, ik moet weg. Oke, en ze holt het schoolplein weer op. Ik blijf me verbazen. Hoe kan je in een vies bed blijven liggen? Hoe kan je dit laten liggen en doen of het er niet is? Hoe kan je denken ik voel me niet lekker maar wel zo druk zijn? Uit ervaring weet ik al met dit pleegje dat ze als ze veel moet hoesten ze overgeven oproept. Zelf ontkent ze dit. Maar het gebeurt steeds. Ze is niet ziek maar hoest zo lang en hard totdat ze overgeeft. Als ze uit school is vraag ik haar of ze de volgende keer even haar bed wil afhalen en het wil zeggen als ze een vies bed heeft. Oh, ik was het vergeten is haar antwoord, direct haar mond weer volproppend met chips. Ik schud mijn hoofd maar weer eens. Bijzondere kinderen, en een bijzonder werk dat ik mag doen. Ik zet de wasmachine nog maar een keer aan.
Abonneren op:
Posts (Atom)