Ik schiet overeind in bed. Gelukkig, het was een droom. Niet de eerste keer. De afgelopen tijd staat in het teken van inpakken en voorbereidingen voor mijn reis naar Uganda. En als ik dan zoveel moet regelen en doen, gaat het in mijn hoofd ook 's nachts gewoon door. En in mijn dromen gaat niet alles even goed. De gekste scenario's komen voorbij. Doodmoe wordt ik ervan. Maar het gebeurt.
11 dagen ben ik weg. Ik wil dan ook thuis alles goed geregeld achterlaten. Slaat helemaal nergens op, want wat is het ergste dat er kan gebeuren? Dat het huis op zijn kop staat als ik terug kom? Alles loopt gewoon door, ook als ik er niet ben. Loslaten en overgeven heet dat. En vertrouwen hebben.
En dan die koffer. Hoe krijg ik alles mee?
Maar het is gelukt. Alles is klaar en morgen kan ik vertrekken. Aan mijn Uganda avontuur.
Lang heb ik gevonden dat ik hier in Nederland wel genoeg deed voor kinderen die het niet zo goed getroffen hebben. Dat er ook in Nederland nog genoeg te doen is. Maar uiteindelijk gaat het er niet om of je genoeg doet. Maar of je doet wat God van je vraagt. Omzien naar de armen. Doen wat in je vermogen ligt om er te zijn voor je naaste. Dus financiële steun geven en schrijven aan kinderen in de allerarmste landen is iets wat ik best doen kan. Dit resulteerde dus in twee sponsorkindjes in Uganda en 1 in Haiti. De kans om nu twee kindjes te gaan ontmoeten is zo bijzonder. Dat we het financieel kunnen doen en dat ik een man heb die zegt: ga maar, ik red het wel hier. Terwijl het ook hier in ons gezinshuis soms best heftig is.
Ik ben benieuwd wat deze reis met mij gaat doen. Ik ben best heftige verhalen en situaties gewend. In ons werk komen we veel dingen tegen die confronterend zijn. Hoe zal het zijn om geconfronteerd te worden met de armoede van dit land? Van de kinderen? Hoe zal het zijn om de projecten te zien en het werk dat gedaan wordt om deze kinderen hoop en uitzicht te geven? Hoe zal het zijn om onze eigen sponsorkindjes te ontmoeten?
Toen we besloten om sponsor te worden hebben we onze pleegjes gevraagd of ze een jongen of meisje wilde en welke leeftijd. Het moest maar een jongen zijn want we hadden al zoveel meiden. In de beleving van de kinderen kwam het kind naar ons toe. Zoals zij allemaal. Maar dat het een kind is dat we op afstand ondersteunen hadden ze niet helemaal begrepen. Maar toch moest het een jongetje zijn. Inmiddels hebben we twee jongetjes en één meisje als sponsorkindje. En in ons gezinshuis is het aantal jongens gelijk aan de meiden. Dus ook dat is in de loop der jaren veranderd. De kinderen leven erg mee. Ze vinden het spannend. Als mama Jenny de kans krijgt, merkt ons bijdehandje op, neemt ze gewoon een kindje mee in haar koffer hoor. Ons bijdehandje. Zelf kwam ze als klein donker meisje met kroeshaarstaartjes bij ons. Haar grote ogen keken me angstig aan. Nu, elf jaar verder, is het ons meest bijdehand pleegje.. Erg gericht op mij. Ik denk zomaar dat zij het meeste moeite heeft om mij 11 dagen te missen. Als ze een weekend logeren is of wij zelf een paar dagen weg zijn, is zij het die even een berichtje stuurt. Als ze thuis komt is het eerste wat ze vraagt als ze mij niet ziet: waar is mama? Het zal voor iedereen even wennen zijn. Zonder mama. Maar we zullen er ook zeker allemaal iets van leren.
Ik ga het avontuur aan. En bid om de zegen van God. Dat ik deze reis tot zegen mag zijn voor de ander. Ik hoop God te ontmoeten in de ander. Dan zal ook voor mij deze reis een zegen zijn.
Ik hoop (als het lukt met wifi) tussendoor zeker te schrijven over mijn ervaringen in Uganda. En anders wordt het een reisverslag als ik terug ben.
gezinshuis
de morgenster
maandag
zaterdag
nieuw jaar en nieuwe kansen
De dagen vliegen voorbij en de weken rijgen zich aaneen. En voor ik er goed en wel erg in heb zitten we gewoon al dik in 2018. 2017 was een enerverend jaar. Maar eigenijk zijn alle voorgaande jaren als gezinshuisouder dat ook. Enerverend, uitdagend en bruisend. Geen dag is saai of hetzelfde. Geen dag is te plannen. Regelmatig moeten we onze plannen bijstellen en veranderd ons schema en onze afspraken. Maar juist daaar hou ik van. Soms zucht ik: kan het nu eens voor één keer rustig zijn en gaan zoals ik had bedacht? Nee, saai is het leven in een gezinshuis absoluut niet. Rust moeten we zorgvuldig plannen. En dat doen we zeker wel. Goed voor onszelf zorgen draagt bij aan het welzijn van de pleegjes. Want als ik niet uitgerust ben kan ik zeker minder hebben van de kinderen.
Het was het afgelopen jaar erg onrustig. Ons gezinshuis telt vijf puber. De pubertijd. Dan komt er weer nieuw gedrag naar boven maar ook oud gedrag waarvan we dachten dat we die fase al gehad hadden. Dan is het weer aftasten en kijken wat dit specifieke kind nodig heeft en welke kaders je gaat zetten. En dan vinden ze ons streng. Heeeel streng.
Het hoogtepunt van het afgelopen jaar was toch wel de geboorte van onze kleindochter HALEY JENNY JOY. Een prachtig kind.
Er was ook in 2017 veel om dankbaar voor te zijn en mogen we terug kijken op een mooi en gezegend jaar. Vreugde en verdriet. Een lach en een traan. Het was er allemaal.
2018 is begonnen. Nieuwe uitdagingen liggen voor ons. Ons gezinshuis gaat uitbreiden. We gaan twee pleegjes verwelkomen de komende tijd. Spannend. Ook voor de pleegjes die al jaren bij ons wonen is dit spannend. Hoe zal het gaan. Wat betekend dit voor mijn plek? Voor ons weer genoeg uitdagingen om aan te gaan. Saai? Nee dat zal het ook in 2018 niet worden. Een nieuw jaar, nieuwe kansen, nieuwe uitdagingen. Ik heb de leukste baan die er is.
Ik hoop dat jullie ook in 2018 weer zullen mee genieten van alle dingen die gebeuren in en rondom ons gezinshuis. Bedankt voor alle leuke reacties die ik mocht krijgen op mijn schrijven en ik wens jullie alle goeds toe voor het nieuwe jaar.
Het was het afgelopen jaar erg onrustig. Ons gezinshuis telt vijf puber. De pubertijd. Dan komt er weer nieuw gedrag naar boven maar ook oud gedrag waarvan we dachten dat we die fase al gehad hadden. Dan is het weer aftasten en kijken wat dit specifieke kind nodig heeft en welke kaders je gaat zetten. En dan vinden ze ons streng. Heeeel streng.
Het hoogtepunt van het afgelopen jaar was toch wel de geboorte van onze kleindochter HALEY JENNY JOY. Een prachtig kind.
Ook onze pleegjes genieten van dit kleine meisje. Opnieuw het wonder beleven van de geboorte van een kleinkind. Geweldig. En ook dit wonder heeft opa mogen meebeleven. Mijn opa, de vijfde generatie.
Er was ook in 2017 veel om dankbaar voor te zijn en mogen we terug kijken op een mooi en gezegend jaar. Vreugde en verdriet. Een lach en een traan. Het was er allemaal.
2018 is begonnen. Nieuwe uitdagingen liggen voor ons. Ons gezinshuis gaat uitbreiden. We gaan twee pleegjes verwelkomen de komende tijd. Spannend. Ook voor de pleegjes die al jaren bij ons wonen is dit spannend. Hoe zal het gaan. Wat betekend dit voor mijn plek? Voor ons weer genoeg uitdagingen om aan te gaan. Saai? Nee dat zal het ook in 2018 niet worden. Een nieuw jaar, nieuwe kansen, nieuwe uitdagingen. Ik heb de leukste baan die er is.
Ik hoop dat jullie ook in 2018 weer zullen mee genieten van alle dingen die gebeuren in en rondom ons gezinshuis. Bedankt voor alle leuke reacties die ik mocht krijgen op mijn schrijven en ik wens jullie alle goeds toe voor het nieuwe jaar.
vrijdag
expleegje
De deur zwaait open. Een afwerende blik en dan verbaasde ogen. Als we zijn naam noemen lacht hij van oor tot oor. "André en Jenny", roept hij. "Hé, moet je kijken wie er zijn". Als we de woonkamer binnenlopen kijken twee verbaasde blije gezichten ons aan. Pleegje is er niet, sorry. Maar we komen niet alleen voor pleegje maar ook voor jou. We zijn erg benieuwd hoe het gaat. Na 11 jaar mocht pleegje eindelijk thuis gaan wonen. Drie jaar heeft hij bij ons gewoond. Daarna heeft hij het drama van verschillende instellingen en overplaatsingen moeten meemaken. Uiteindelijk heeft moeder haar gevecht gewonnen en mocht hij twee jaar geleden naar huis. Dit pleegje met zijn moeder hebben zo'n plekje in ons hart. Er is af en toe nog contact. Pleegje, met zijn guitige oogjes. Die als hij me weer ziet uitroept: hé mama Jenny. Ik gun hem zo deze plek bij zijn moeder. Dat we hem nu niet thuis treffen geeft niets. We kunnen heerlijk bijkletsen met mama en haar vriend. Er is zoveel gebeurt in de afgelopen twee jaar.
Maar we worden ook weer met onze neus op de feiten gedrukt. Dit kind en zijn moeder. Zo gestreden en zoveel bereikt. Maar dan nog zo achtervolgd worden door je dossier. Moeder strijd dus nog steeds. En nu om haar kind op school te krijgen. Ik ben verbaasd dat er zo weinig wordt gedaan, ook vanuit de jeugdbeschermer, om dit kind onderwijs te laten volgen.
"Jenny, je zult het niet geloven maar ik ben hem maar zelf wat les aan het geven. Hij wist niet eens waar België lag. Mijn hart huilt om mijn kind dat geen onderwijs kan krijgen"; zegt moeder. Geen enkele school ziet het zitten om deze jongen op te nemen. Ik snap het niet. Waar is de leerplichtambtenaar? Waarom kan niemand het proberen? Geef hem dan een proeftijd zodat hij het kan proberen. Het gedrag dat er was toen hij nog uithuisgeplaatst was, is zo anders dan nu hij bij moeder woont. Zo vaak zien we dat een dossier zo een moment opname is. Het kind kan op de ene plek gedrag laten zien terwijl hij dat op een ander plek niet laat zien. Het heeft zo te maken met de samenstelling van het gezin, de groep waar het kind woont. Wij zien het vaak genoeg gebeuren dat op papier een kind heel pittig is, maar als het bij ons komt we een heel ander kind in huis hebben dan we op papier hebben gelezen. En ook andersom. Dan denk je: oh dat gaat wel lukken en moet je alle zeilen bijzetten. Dit pleegje komt van zover en heeft al zoveel bereikt. En dan wordt hem de kans op onderwijs ontnomen. En met hem zoveel andere kinderen. Als ik deze moeder hoor vertellen over haar strijd, maar ook over haar overwinning. Over het genieten van haar zoon. Dan ben ik zo trots op haar. Ze heeft het toch maar voor elkaar. Ze heeft gevochten als een leeuwin en dat zal ze blijven doen. Dus pleegje zal op school komen. Het gaat haar lukken.
Als we even later afscheid nemen en ik haar een knuffel geef, voel ik haar broze lichaam. Haar verleden heeft zijn tol geëist op haar gezondheid. Maar oh wat een kracht heeft ze in zich.
Ik ben zo dankbaar voor wat we met elkaar hebben bereikt. Dat ook wij hierin een schakel mochten zijn. "Bij jou is het begonnen": zegt moeder. "Jij gaf me vertrouwen en geloofde in me". Weer besef ik hoe belangrijk het is om met ouders samen te werken. Om ze een plek te geven in je gezin. Dat vraagt wat van je. Maar dat is ook waar je voor kiest als je voor het kind van een ander gaat zorgen. Het is niet de gemakkelijkste weg. Maar voor het kind verreweg de beste weg.
Maar we worden ook weer met onze neus op de feiten gedrukt. Dit kind en zijn moeder. Zo gestreden en zoveel bereikt. Maar dan nog zo achtervolgd worden door je dossier. Moeder strijd dus nog steeds. En nu om haar kind op school te krijgen. Ik ben verbaasd dat er zo weinig wordt gedaan, ook vanuit de jeugdbeschermer, om dit kind onderwijs te laten volgen.
"Jenny, je zult het niet geloven maar ik ben hem maar zelf wat les aan het geven. Hij wist niet eens waar België lag. Mijn hart huilt om mijn kind dat geen onderwijs kan krijgen"; zegt moeder. Geen enkele school ziet het zitten om deze jongen op te nemen. Ik snap het niet. Waar is de leerplichtambtenaar? Waarom kan niemand het proberen? Geef hem dan een proeftijd zodat hij het kan proberen. Het gedrag dat er was toen hij nog uithuisgeplaatst was, is zo anders dan nu hij bij moeder woont. Zo vaak zien we dat een dossier zo een moment opname is. Het kind kan op de ene plek gedrag laten zien terwijl hij dat op een ander plek niet laat zien. Het heeft zo te maken met de samenstelling van het gezin, de groep waar het kind woont. Wij zien het vaak genoeg gebeuren dat op papier een kind heel pittig is, maar als het bij ons komt we een heel ander kind in huis hebben dan we op papier hebben gelezen. En ook andersom. Dan denk je: oh dat gaat wel lukken en moet je alle zeilen bijzetten. Dit pleegje komt van zover en heeft al zoveel bereikt. En dan wordt hem de kans op onderwijs ontnomen. En met hem zoveel andere kinderen. Als ik deze moeder hoor vertellen over haar strijd, maar ook over haar overwinning. Over het genieten van haar zoon. Dan ben ik zo trots op haar. Ze heeft het toch maar voor elkaar. Ze heeft gevochten als een leeuwin en dat zal ze blijven doen. Dus pleegje zal op school komen. Het gaat haar lukken.
Als we even later afscheid nemen en ik haar een knuffel geef, voel ik haar broze lichaam. Haar verleden heeft zijn tol geëist op haar gezondheid. Maar oh wat een kracht heeft ze in zich.
Ik ben zo dankbaar voor wat we met elkaar hebben bereikt. Dat ook wij hierin een schakel mochten zijn. "Bij jou is het begonnen": zegt moeder. "Jij gaf me vertrouwen en geloofde in me". Weer besef ik hoe belangrijk het is om met ouders samen te werken. Om ze een plek te geven in je gezin. Dat vraagt wat van je. Maar dat is ook waar je voor kiest als je voor het kind van een ander gaat zorgen. Het is niet de gemakkelijkste weg. Maar voor het kind verreweg de beste weg.
zondag
pubers
En zo zijn we van de zomervakantie tot over de herfstvakantie gevlogen. Ik zucht. Wat gaat dat snel als je dagen vol zitten. De eerste week na de zomervakantie kwam hortend en stotend op gang. Niet iedereen begon tegelijk. Rooster en boeken halen, nieuwe klas, nieuwe school. En wij gingen ook die eerste schoolweek nog samen een weekje weg. Onze dochter en schoonzoon kwamen in huis. Voorgaande jaren was de herfsvakantie voor ons, maar aangezien onze dochter dan is uitgerekend van haar eerst kind besloten we de eerste schoolweek te doen. Heerlijk om er even samen uit te zijn. Onze bestemming was Rusland. Een groepsreis naar Moskou en Sint Petersburg. Een mooie en indrukwekkende reis. De grootsheid van de stad Moskou laat een diepe indruk achter. De pracht en praal van onder andere de Hermitage, het paleizencomplex Peterhof en de ondergrondse metro het Rode Plein en het Kremlin. Het was geweldig om dit allemaal te zien. Van Moskou naar Sint Petersburg ging de reis per nachttrein. Die was verschrikkelijk. Maar ach, met elkaar maak je van iets verschrikkelijks toch iets leuks. We lagen met z'n vieren in een coupé.Wij deelden een coupé met een ander stel van onze groep. De mannen gingen beneden, dus wij naar boven. Maar om in zo'n smal bed te komen zo hoog is drama. Het was dan ook een film waard. Hillarisch zoals wij naar boven gingen. En dan lig je met je neus tegen het plafond. Niet echt comfortabel. Maar het hotel in Sint Petersburg maakte dat weer goed. Het was een geweldige week waar we echt even los konden komen van thuis. Even tijd hebben voor elkaar en voor andere contacten.
Thuisgekomen slokt het gewone leven ons weer op. Steeds probeer ik tijd in te ruimen voor wat ontspanning, maar dit is zo lastig. Ben je net samen lunchen, belt de school van pleeg. Ik hoor pleeg al schreeuwen. Dat is een ritje naar school. Of ben je een middag weg, belt pleeg: mijn fiets is gestolen. Komt u me halen? En dan de discussies, de eeuwige strijd van het puberleven. De fase van ik wil het snel, direct en nu. De fase van : ik heb overal recht op. De fase van: jullie moeten gewoon doen wat ik vraag. En als jullie dat doen maak ik ook geen ruzie. Het puberbrein dat zo bezig is met zichzelf en het hier en nu. Toekomst? Wat is dat? Voor puberpleegjes ingewikkeld. Want zij moeten wel nadenken over de toekomst. Hun leven bestaat uit doelen. En die doelen moeten worden gehaald.
En dat betekend dat wij wel willen zien dat er iets geleerd wordt. Iets gedaan wordt met dat wat we ze willen leren. Maar ja, ook dat vinden pubers weer onzin. "Ik kan het wel en weet het wel maar ik doe het nu niet omdat ik daar nu gewoon geen zin in heb en er het nut niet van inzie." En dat geeft weleens, heel vaak, enorme botsingen en discussies. Ik zag een artikel voorbij komen met de titel: Stop met de "ik doe maar wat aanpak"want het werkt niet. Dit trok mijn aandacht. Want wat werkt dan wel? Ik doe niet zomaar wat. Ik ben juist heel erg bezig met sturen, doelen, plannen en ondersteunen. Maar ik laat ze inderdaad ook de consequenties dragen van hun gedrag. En we willen de kinderen ook graag zo gewoon mogelijk laten opgroeien. De kracht van het gewone leven. En met vijf pubers ben ik soms leeg. Leeggezogen door steeds weer dezelfde dingen te moeten zeggen. Door de discussies die soms onvermijdelijk zijn. Dan ben ik zo leeg en er zo klaar mee dat ik denk: zoek het maar even uit. Ga dan maar een keer onderuit. Misschien leer je daarvan. Ze willen het zo graag allemaal zelf doen. Dan help ik even niet meer. Dus dan zeg ik na het telefoontje dat de fiets weg is: je kom maar lopen. Lopen?? Weet u wel hoever dat is? Eh ja. Maar stond die fiets op slot? Ja...nee dus.
En dan is het de dag na de wasdag je wasmand inleveren? Volgende week ben je weer aan de beurt. Ja, maar dat kan nu toch ook nog wel? Nee! We hebben je een aantal keer de kans gegeven. Nu moet je maar op tijd zijn. Afspraak is afspraak en regel is regel. En zondagavond als het bijna bedtijd is nog huiswerk doen want dat had ik vrijdag al af moeten hebben? Pech!
Dat geeft lucht zeg. Als ik de verantwoording bij de persoon neerleg waar hij hoort. En dat is niet bij mij. Ik wil helpen, zorgen en alles doen wat nodig is. Maar afspraken komen we allemaal na. Anders wordt het chaos. En dan doen we inderdaad allemaal maar wat.
Maar wat is dat lastig. Want nu wordt niet alles meer voor je geregeld en ben je zelf verantwoordelijk. Maar wat is het ook moeilijk voor mij. Om dingen te laten. Ik ben zo geneigd om alles op te lossen voor iedereen. Huiswerk niet af? Doe het dan nog maar snel, ook al is het al bedtijd. Je was vergeten? Geef nog maar. En zo loop ik steeds achter alles aan. En hebben afspraken en regels geen zin. Maar om het dan te laten liggen vind ik moeilijk. Maar ik leer het al. En dat geeft lucht en rust bij mij. En heb ik weer tijd voor mezelf.
Nu nog iets vinden om uit de discussie te blijven.
| Het Rode Plein |
| De praal in de metrostations |
| De nachttrein |
| Peterhof |
| De Hermitage |
Thuisgekomen slokt het gewone leven ons weer op. Steeds probeer ik tijd in te ruimen voor wat ontspanning, maar dit is zo lastig. Ben je net samen lunchen, belt de school van pleeg. Ik hoor pleeg al schreeuwen. Dat is een ritje naar school. Of ben je een middag weg, belt pleeg: mijn fiets is gestolen. Komt u me halen? En dan de discussies, de eeuwige strijd van het puberleven. De fase van ik wil het snel, direct en nu. De fase van : ik heb overal recht op. De fase van: jullie moeten gewoon doen wat ik vraag. En als jullie dat doen maak ik ook geen ruzie. Het puberbrein dat zo bezig is met zichzelf en het hier en nu. Toekomst? Wat is dat? Voor puberpleegjes ingewikkeld. Want zij moeten wel nadenken over de toekomst. Hun leven bestaat uit doelen. En die doelen moeten worden gehaald.
En dat betekend dat wij wel willen zien dat er iets geleerd wordt. Iets gedaan wordt met dat wat we ze willen leren. Maar ja, ook dat vinden pubers weer onzin. "Ik kan het wel en weet het wel maar ik doe het nu niet omdat ik daar nu gewoon geen zin in heb en er het nut niet van inzie." En dat geeft weleens, heel vaak, enorme botsingen en discussies. Ik zag een artikel voorbij komen met de titel: Stop met de "ik doe maar wat aanpak"want het werkt niet. Dit trok mijn aandacht. Want wat werkt dan wel? Ik doe niet zomaar wat. Ik ben juist heel erg bezig met sturen, doelen, plannen en ondersteunen. Maar ik laat ze inderdaad ook de consequenties dragen van hun gedrag. En we willen de kinderen ook graag zo gewoon mogelijk laten opgroeien. De kracht van het gewone leven. En met vijf pubers ben ik soms leeg. Leeggezogen door steeds weer dezelfde dingen te moeten zeggen. Door de discussies die soms onvermijdelijk zijn. Dan ben ik zo leeg en er zo klaar mee dat ik denk: zoek het maar even uit. Ga dan maar een keer onderuit. Misschien leer je daarvan. Ze willen het zo graag allemaal zelf doen. Dan help ik even niet meer. Dus dan zeg ik na het telefoontje dat de fiets weg is: je kom maar lopen. Lopen?? Weet u wel hoever dat is? Eh ja. Maar stond die fiets op slot? Ja...nee dus.
En dan is het de dag na de wasdag je wasmand inleveren? Volgende week ben je weer aan de beurt. Ja, maar dat kan nu toch ook nog wel? Nee! We hebben je een aantal keer de kans gegeven. Nu moet je maar op tijd zijn. Afspraak is afspraak en regel is regel. En zondagavond als het bijna bedtijd is nog huiswerk doen want dat had ik vrijdag al af moeten hebben? Pech!
Dat geeft lucht zeg. Als ik de verantwoording bij de persoon neerleg waar hij hoort. En dat is niet bij mij. Ik wil helpen, zorgen en alles doen wat nodig is. Maar afspraken komen we allemaal na. Anders wordt het chaos. En dan doen we inderdaad allemaal maar wat.
Maar wat is dat lastig. Want nu wordt niet alles meer voor je geregeld en ben je zelf verantwoordelijk. Maar wat is het ook moeilijk voor mij. Om dingen te laten. Ik ben zo geneigd om alles op te lossen voor iedereen. Huiswerk niet af? Doe het dan nog maar snel, ook al is het al bedtijd. Je was vergeten? Geef nog maar. En zo loop ik steeds achter alles aan. En hebben afspraken en regels geen zin. Maar om het dan te laten liggen vind ik moeilijk. Maar ik leer het al. En dat geeft lucht en rust bij mij. En heb ik weer tijd voor mezelf.
Nu nog iets vinden om uit de discussie te blijven.
vrijdag
vakantieperikelen
En dan is het ineens vakantie. De eerste week nog rommelig. Het voortgezet onderwijs heeft vrij maar de basisschool nog niet. Vakantie. Voor de kinderen wel maar achter de schermen gaat ons werk gewoon door. Mails, verslagen en afspraken met instanties lopen door. Aanvragen voor nieuwe plaatsingen blijven gewoon binnen komen. En dan zijn er ook nog de logeerzusjes die beide een paar daagjes komen. Maar toch. Langer op bed liggen en geen tijdsdruk van school en huiswerk is al een beetje vakantie. Het inpakken is dit jaar iets makkelijker met een aantal pubers die zelf hun koffers inpakken. Maar toch moet er worden gecontroleerd of alles mee is. En dan gaat de reis naar Voorthuizen.
Twee weken camping leven. Ondanks het wisselende weer, het dramatische matras in ons bed, een kapotte geiser, een schreeuwend en scheldend boos pleegje in het wok restaurant, over de grens lopende pubers die kotsend roepen: ik heb niet gedronken hoor, is het een heerlijke vakantie geweest. Ze hebben genoten allemaal en roepen nu al: Volgend jaar weer!

En dan kom je thuis en begint het wassen, administratiewerk en telefoontjes weer. Een week en dan....
Stilte daalt neer in huis. Mijn oren suizen er gewoon van. Rust. Alle kinderen zijn een weekje logeren of op kamp. Wat is dat heerlijk om even samen thuis te zijn. Op te staan wanneer je zin hebt. Te eten wanneer je zin hebt. Gewoon even niets doen. Al is dat voor mij een enorme beproeving. Niks doen. Als ik dan even niks doe gaan de raderen in mijn hoofd al draaien en denk ik: wat zal ik eens gaan doen? Langzaam lukt het me om te ontspannen.
Ik dwaal wat rond in huis. Deze plek, dit huis. Een voorrecht om hier te wonen.Als ik kamer voor kamer inloop borrelt een dankbaar gevoel omhoog. Zes lege kamer, zes lege bedden. Zes pleegjes waar wij voor mogen zorgen. Leuk? Nee leuk is het juiste woord niet. Wel dankbaar werk, zwaar soms als kinderen zoveel last hebben van alles wat er in hun leven is gebeurt en ze nog steeds worden geconfronteerd met de gebrokenheid van het leven. Zo verschillend ieder kind ook omgaat met dat wat hun overkomt, maar ook met dat wat wij ze aanbieden. Regels en structuur. Als je een week weg bent laat je je kamer netjes achter. De verschillen die je dan ziet per kind. Terwijl je ze allemaal hetzelfde meegeeft. Duidelijk komt hun beschadiging hierin naar voren, maar ook het karakter. En dat is iets wat wij niet herkennen. In onze eigen kinderen zien we onszelf. In karaktertrekjes. Leuke in minder leuke. Ik kom in een zeer opgeruimde kamer. Bed netjes glad getrokken. Kleding in de kasten, een frissen opgeruimde kamer. Heerlijk om hier na je week logeren weer in te komen. Maar ik kom ook in kamers die niet fris ruiken. Waar de vloer bezaait ligt met kleding en waar weer, ja toch weer een fles met urine in de kast staat. Waar komt dit toch vandaan? Het waarom komt dit er ook in gesprekken niet uit. Zit deze gewoonte zo diep dat dit er niet meer uitgaat? Ik merk dat dit me irriteert. Waarom niet gewoon je kamerregels opvolgen? Is dit zo moeilijk? Die balans vinden tussen wanneer iets acceptabel is en wanneer niet. Mijn strijd. Mijn eigen kinderen kunnen me soms even spiegelen. Mam, het zijn ook pubers en stop niet alles in haalbare en niet haalbare doelen. De focus op deze kinderen ligt zo op doelen waaraan gewerkt moet worden en behaald moet worden, want straks zijn ze 18 jaar. Soms moeten we ze ook gewoon kind/ puber laten zijn met alle onhebbelijkheden. En die zijn vaak wat verder over de grens dan ik zou willen.
En toch.. ondanks dit zware dankbare werk hebben we ruimte. Borrelt het in ons om onze grenzen te verleggen. Opnieuw uit onze comfort zone te stappen. Nieuwe plannen en ideeën borrelen op.
Wat de toekomst brengen moge......Eerst maar weer de kinderen thuis ontvangen en naar hun logeer verhalen luisteren.
Twee weken camping leven. Ondanks het wisselende weer, het dramatische matras in ons bed, een kapotte geiser, een schreeuwend en scheldend boos pleegje in het wok restaurant, over de grens lopende pubers die kotsend roepen: ik heb niet gedronken hoor, is het een heerlijke vakantie geweest. Ze hebben genoten allemaal en roepen nu al: Volgend jaar weer!

En dan kom je thuis en begint het wassen, administratiewerk en telefoontjes weer. Een week en dan....
Stilte daalt neer in huis. Mijn oren suizen er gewoon van. Rust. Alle kinderen zijn een weekje logeren of op kamp. Wat is dat heerlijk om even samen thuis te zijn. Op te staan wanneer je zin hebt. Te eten wanneer je zin hebt. Gewoon even niets doen. Al is dat voor mij een enorme beproeving. Niks doen. Als ik dan even niks doe gaan de raderen in mijn hoofd al draaien en denk ik: wat zal ik eens gaan doen? Langzaam lukt het me om te ontspannen.
Ik dwaal wat rond in huis. Deze plek, dit huis. Een voorrecht om hier te wonen.Als ik kamer voor kamer inloop borrelt een dankbaar gevoel omhoog. Zes lege kamer, zes lege bedden. Zes pleegjes waar wij voor mogen zorgen. Leuk? Nee leuk is het juiste woord niet. Wel dankbaar werk, zwaar soms als kinderen zoveel last hebben van alles wat er in hun leven is gebeurt en ze nog steeds worden geconfronteerd met de gebrokenheid van het leven. Zo verschillend ieder kind ook omgaat met dat wat hun overkomt, maar ook met dat wat wij ze aanbieden. Regels en structuur. Als je een week weg bent laat je je kamer netjes achter. De verschillen die je dan ziet per kind. Terwijl je ze allemaal hetzelfde meegeeft. Duidelijk komt hun beschadiging hierin naar voren, maar ook het karakter. En dat is iets wat wij niet herkennen. In onze eigen kinderen zien we onszelf. In karaktertrekjes. Leuke in minder leuke. Ik kom in een zeer opgeruimde kamer. Bed netjes glad getrokken. Kleding in de kasten, een frissen opgeruimde kamer. Heerlijk om hier na je week logeren weer in te komen. Maar ik kom ook in kamers die niet fris ruiken. Waar de vloer bezaait ligt met kleding en waar weer, ja toch weer een fles met urine in de kast staat. Waar komt dit toch vandaan? Het waarom komt dit er ook in gesprekken niet uit. Zit deze gewoonte zo diep dat dit er niet meer uitgaat? Ik merk dat dit me irriteert. Waarom niet gewoon je kamerregels opvolgen? Is dit zo moeilijk? Die balans vinden tussen wanneer iets acceptabel is en wanneer niet. Mijn strijd. Mijn eigen kinderen kunnen me soms even spiegelen. Mam, het zijn ook pubers en stop niet alles in haalbare en niet haalbare doelen. De focus op deze kinderen ligt zo op doelen waaraan gewerkt moet worden en behaald moet worden, want straks zijn ze 18 jaar. Soms moeten we ze ook gewoon kind/ puber laten zijn met alle onhebbelijkheden. En die zijn vaak wat verder over de grens dan ik zou willen.
En toch.. ondanks dit zware dankbare werk hebben we ruimte. Borrelt het in ons om onze grenzen te verleggen. Opnieuw uit onze comfort zone te stappen. Nieuwe plannen en ideeën borrelen op.
Wat de toekomst brengen moge......Eerst maar weer de kinderen thuis ontvangen en naar hun logeer verhalen luisteren.
woensdag
ik ga naar Uganda!!
Ondanks alle chaos in mijn huis, het afstoten en weer dichterbij komen, jaloezie en ruzie, is er ook genoeg gezelligheid te melden. Soms sta ik met mijn handen in het haar, temidden van vuile was, chips en koekkruimels, vuile bedden, boeken over de vloer en wat er al niet aan viezigheid en rommel in een puberhok kan zijn.Dan kan ik gewoon niet begrijpen waar dit vandaan komt en hoe iemand zo gezellig in zijn/haar kamer kan zitten. Om nog maar niet over de stank die je soms al tegemoet komt te praten. Maar als het echt nodig is kunnen ze het oh zo netjes maken. Zo hadden we het Pinksterweekend. Met elkaar naar Opwekking. Vorig jaar voor het eerst met vier pubers. Nu met heel het stel. En dat was best even spannend. Want het kan zomaar zijn dat het zo overweldigend is allemaal dat we alleen maar brandjes aan het blussen zijn en dat er scheldpartijen komen die je liever niet op een christelijk evenement wil horen. Maar het ging zo goed. Bijna niet te geloven zo goed. Voordat we weggingen had iedereen zijn kamer netjes gemaakt. Hun eigen spullen ingepakt en beloofd hun tent ook netjes te houden en zelf weer op te ruimen.Ook tijdens het weekend ging het zo goed. Als we pleegje een pluim geven dat hij nog helemaal niet boos is geweest en zich zo goed kan vermaken, geeft hij als antwoord: ja maar mama Jenny is nu ook niet zo streng. Dit antwoord noodzaakt mij tot enig zelfonderzoek. Ben ik thuis strenger, waardoor ik de lat te hoog leg, waardoor er meer woede uitbarstingen zijn? Het zou zomaar kunnen. Pleegje kreeg veel ruimte dit weekend en hij ging er goed mee om. Reflecteren op jezelf. Daar zorgt dit pleegje wel voor. De pubers hadden even moeite om op gang te komen. Alles is onbekend en het is zo groot en vrij dat ze even moeten zoeken naar balans. Uiteindelijk komt het wel en hebben ze genoten. Het was voor ons ook echt een heerlijk weekend.
Geestelijk opladen en lichamelijk uitrusten. Genieten van de gesprekken met anderen. Van de sprekers en muziek. Een terugkerend thema was een oproep om buiten je kaders te gaan. Durf verder te gaan dan de veilige kaders die we gemaakt hebben. Durf voorbij de vogelverschrikker te gaan, was de oproep van één van de sprekers. We hebben allemaal onze eigen veilige kaders in ons leven. In de dingen van alle dag, opvoeding en geloof. Zo liet ik het veilige kader van begrenzing van ons pleegje los en liet hem ontdekken hoe hij zelf contact kon maken met anderen en afspraken met ons kon maken. En dan mag je fouten maken. Maar dan gaat pleegje ontdekken dat je ook daar gewoon over praten kan.
Maar heb ik zelf ook een stap gezet waarvan ik achteraf schrok. Heb ik dat gedaan? Ik ga mee naar Uganda met een sponsor reis. Dit is zo uit mijn veilige haven stappen. Ik wilde graag, en toen de mail kwam dat er in maart 2018 een reis naar onze sponsorkindjes ging vroeg ik manlief of hij zin had. Maar nee, dat trekt hem niet aan. Ga maar alleen hoor. Tja, daar had ik niet zoveel zin in. Als nicht Erica nu gaat, ga ik ook. Zij heeft daar de Muskathlon gelopen en ik weet dat haar hart daar ligt. Toen ik die week daarna mijn nicht sprak vertelde ze me dat ze zo een mooi moederdag kado had gehad. Ik ga naar Uganda. Mijn mond viel open. En diezelfde dag heb ik me opgegeven. En toen dacht ik: wat heb ik gedaan? Ga ik zomaar 10 dagen weg van huis. En nog niet naast de deur ook. Hoe moet dat met ons gezinshuis? Manlief is daar heel nuchter onder. Dat lukt me heus wel hoor. En daar heb je het weer. Loslaten. Ja het lukt hem heus wel. Maar het is mijn strijd dingetje. Dat loslaten en overgeven. Ik kan het nog niet bevatten. Ik ga daar onze twee sponsor kindjes ontmoeten.Een meisje van 6 en een jongetje van 9 jaar. Hun foto staat op de kast bij onze pleegjes. Ze horen er net zo goed bij, alleen op afstand. En nu mag ik ze in mijn armen sluiten. Hoe zal dat zijn? Het zal geweldig zijn maar ook zeker moeilijk. Want ook dan komt dat dingetje weer om de hoek kijken. Loslaten. En ik ga thuis loslaten en het aan manlief overlaten. En erop vertrouwen dat de pleegjes het ook dan gewoon kunnen. Misschien anders dat dat ik zou willen. Maar dat gebeurt nu ook. Als ik zeg opruimen krijg ik vaak het antwoord: het is toch opgeruimd?Dan kijk ik in het rond en snap het niet. Opgeruimd? Mijn kaders zijn anders dan die van de pleegjes. En dat mag ook. Ze moeten ook zelf gaan ontdekken wat bij hen past en hoe zij het geleerde straks in praktijk willen brengen. En dan zal het anders opgeruimd zijn dan bij mij. Maar dat mag ook. Maar zolang ze in mijn huis wonen zijn er natuurlijk grenzen. En daar gaan pubers nu eenmaal graag overheen.
Geestelijk opladen en lichamelijk uitrusten. Genieten van de gesprekken met anderen. Van de sprekers en muziek. Een terugkerend thema was een oproep om buiten je kaders te gaan. Durf verder te gaan dan de veilige kaders die we gemaakt hebben. Durf voorbij de vogelverschrikker te gaan, was de oproep van één van de sprekers. We hebben allemaal onze eigen veilige kaders in ons leven. In de dingen van alle dag, opvoeding en geloof. Zo liet ik het veilige kader van begrenzing van ons pleegje los en liet hem ontdekken hoe hij zelf contact kon maken met anderen en afspraken met ons kon maken. En dan mag je fouten maken. Maar dan gaat pleegje ontdekken dat je ook daar gewoon over praten kan.
Maar heb ik zelf ook een stap gezet waarvan ik achteraf schrok. Heb ik dat gedaan? Ik ga mee naar Uganda met een sponsor reis. Dit is zo uit mijn veilige haven stappen. Ik wilde graag, en toen de mail kwam dat er in maart 2018 een reis naar onze sponsorkindjes ging vroeg ik manlief of hij zin had. Maar nee, dat trekt hem niet aan. Ga maar alleen hoor. Tja, daar had ik niet zoveel zin in. Als nicht Erica nu gaat, ga ik ook. Zij heeft daar de Muskathlon gelopen en ik weet dat haar hart daar ligt. Toen ik die week daarna mijn nicht sprak vertelde ze me dat ze zo een mooi moederdag kado had gehad. Ik ga naar Uganda. Mijn mond viel open. En diezelfde dag heb ik me opgegeven. En toen dacht ik: wat heb ik gedaan? Ga ik zomaar 10 dagen weg van huis. En nog niet naast de deur ook. Hoe moet dat met ons gezinshuis? Manlief is daar heel nuchter onder. Dat lukt me heus wel hoor. En daar heb je het weer. Loslaten. Ja het lukt hem heus wel. Maar het is mijn strijd dingetje. Dat loslaten en overgeven. Ik kan het nog niet bevatten. Ik ga daar onze twee sponsor kindjes ontmoeten.Een meisje van 6 en een jongetje van 9 jaar. Hun foto staat op de kast bij onze pleegjes. Ze horen er net zo goed bij, alleen op afstand. En nu mag ik ze in mijn armen sluiten. Hoe zal dat zijn? Het zal geweldig zijn maar ook zeker moeilijk. Want ook dan komt dat dingetje weer om de hoek kijken. Loslaten. En ik ga thuis loslaten en het aan manlief overlaten. En erop vertrouwen dat de pleegjes het ook dan gewoon kunnen. Misschien anders dat dat ik zou willen. Maar dat gebeurt nu ook. Als ik zeg opruimen krijg ik vaak het antwoord: het is toch opgeruimd?Dan kijk ik in het rond en snap het niet. Opgeruimd? Mijn kaders zijn anders dan die van de pleegjes. En dat mag ook. Ze moeten ook zelf gaan ontdekken wat bij hen past en hoe zij het geleerde straks in praktijk willen brengen. En dan zal het anders opgeruimd zijn dan bij mij. Maar dat mag ook. Maar zolang ze in mijn huis wonen zijn er natuurlijk grenzen. En daar gaan pubers nu eenmaal graag overheen.
vrijdag
moederdag
Hechting. Wat is dat toch? Bijna alle pleegje in ons gezinshuis hebben te kampen met deze problematiek en worden hier dagelijks mee geconfronteerd en soms ook belemmerd in hun functioneren. Ik weet er alles van. Opleiding, cursus, seminar. Maar naast die theorie is er die harde werkelijkheid en de praktijk van alle dag. En dan verbaasd het me soms weer zo enorm. Hoe weerbarstig het kan zijn. Naast de dagen van afzien, afzetten en afstoten, is er ineens een moment waarin mijn mond openvalt. Of liever gezegd: dicht valt. Geen woorden voor.
Zondagochtend. Moederdag. We waren de zaterdag naar de braderie in Bleskensgraaf geweest. De kinderen gingen hun eigen weg, maar als we ze soms zagen was het smoezen en snel omdraaien. Ze voeren wat in hun schild. Gelukkig voor hen, werden wij steeds in beslag genomen door oude bekenden waar we mee aan de praat raakten.
Het is nog vroeg, deze zondagmorgen. Ik hoor deuren, en gefluister. Ik moet me bedwingen om niet te gaan kijken. Ik wil hun verrassing niet verknallen. Ik ga maar vast douchen. Als ik onder de douche sta roept pleegje: nog even niet komen hoor. We komen jullie halen. Het is ook voor papa. Ik moet mijn ogen dicht doen en twee paar handen nemen me mee. Mijn vertrouwen wordt op de proef gesteld, want ik moet op hun aanwijzing meelopen. Opstapje, afstapje.Ze brengen me naar buiten. Ogen open.! De zon schijnt, de tafel is gedekt met geroosterd brood, gebakken ei, thee en fruitsap en vers fruit. Daarnaast staan alle kado's. Eet smakelijk roepen ze in koor. Als we samen genieten van ons ontbijt komen er regelmatig hoofdjes om de hoek om even te kijken hoe het gaat. Ze genieten bijna nog meer dan dat ik doe. Allemaal hebben ze iets gekocht. Zelfs pleegje die het hardst riep dat ze niets ging kopen. Zo bezig met zichzelf vaak, met overleven, en dan dit. En dan weet ik het weer. Hier doe ik het voor. Die glunderende gezichten. De spanning op hun gezicht: vind u het leuk? Zo zorgzaam. Dan ben ik sprakeloos. Er zit soms veel meer in deze kinderen dan dat eruit komt.Hiermee laten ze zien dat ze blij zijn met ons. Voordat de dag voorbij is schakelen ze alweer over in de overleefmodus. Maar dit lichtpuntje hebben we toch weer mee mogen pakken.
Zondagochtend. Moederdag. We waren de zaterdag naar de braderie in Bleskensgraaf geweest. De kinderen gingen hun eigen weg, maar als we ze soms zagen was het smoezen en snel omdraaien. Ze voeren wat in hun schild. Gelukkig voor hen, werden wij steeds in beslag genomen door oude bekenden waar we mee aan de praat raakten.
Het is nog vroeg, deze zondagmorgen. Ik hoor deuren, en gefluister. Ik moet me bedwingen om niet te gaan kijken. Ik wil hun verrassing niet verknallen. Ik ga maar vast douchen. Als ik onder de douche sta roept pleegje: nog even niet komen hoor. We komen jullie halen. Het is ook voor papa. Ik moet mijn ogen dicht doen en twee paar handen nemen me mee. Mijn vertrouwen wordt op de proef gesteld, want ik moet op hun aanwijzing meelopen. Opstapje, afstapje.Ze brengen me naar buiten. Ogen open.! De zon schijnt, de tafel is gedekt met geroosterd brood, gebakken ei, thee en fruitsap en vers fruit. Daarnaast staan alle kado's. Eet smakelijk roepen ze in koor. Als we samen genieten van ons ontbijt komen er regelmatig hoofdjes om de hoek om even te kijken hoe het gaat. Ze genieten bijna nog meer dan dat ik doe. Allemaal hebben ze iets gekocht. Zelfs pleegje die het hardst riep dat ze niets ging kopen. Zo bezig met zichzelf vaak, met overleven, en dan dit. En dan weet ik het weer. Hier doe ik het voor. Die glunderende gezichten. De spanning op hun gezicht: vind u het leuk? Zo zorgzaam. Dan ben ik sprakeloos. Er zit soms veel meer in deze kinderen dan dat eruit komt.Hiermee laten ze zien dat ze blij zijn met ons. Voordat de dag voorbij is schakelen ze alweer over in de overleefmodus. Maar dit lichtpuntje hebben we toch weer mee mogen pakken.
Abonneren op:
Posts (Atom)