gezinshuis

gezinshuis
de morgenster

woensdag 20 januari 2016

2016 rommel en boosheid

Ik zit achter mijn computer en in de kamer naast me hoor ik zingen. Dat was vorige week wel anders. Toen is pleegje maandag en dinsdag nog behoorlijk opstandig geweest en had ik weer bijtplekken en krassen op mijn arm. Maar nu is de rust in het lijfje terug. En hij zingt. Af en toe hoor ik een grom tussendoor. En dan gaat hij weer verder. "Zelfs vind de mus een huis o Heer." ....Ik kan me nog steeds zo verbazen om dit kind. Op en neer gaat het in emoties. Boosheid , aanhankelijkheid. Afstoten en aanhalen. Ik ben blij dat de rust een beetje terug is. Bijna jarig geeft ook spanning. Maar zolang we voorspelbaar zijn en steeds weer uitleggen wat en wanneer er iets gaat gebeuren kan hij het overzicht bewaren en geeft hem dit rust.
Inmiddels is ook zijn verjaardag voorbij en komt de rust een beetje terug.
Saai wordt het er in elk geval niet op in ons gezinshuis. Ook al groeien de kinderen steeds verder in ontwikkeling en leren ze met vallen en opstaan. Toch schiet er dan ineens weer iets voorbij dat ik denk...hoe kan dit! Ik sta verbaasd op één van de slaapkamers van onze pleegjes. De oudere kinderen moeten hun eigen kamer bijhouden en af en toe inspecteer ik de boel en ga er soms ook even extra goed doorheen. Ik sta, ik kijk en ik ruik? Wat is dit? Overal spullen, kleding (niet schoon en wel schoon) door elkaar. Ik haal her gordijn een stukje weg en zie tot mijn verbazing, eh meer tot mijn verbijstering vier grote flessen frisdrank staan. maar die zitten niet bepaald vol met frisdrank. Ach, als je geen zin hebt om naar beneden te gaan dan doe je het toch in een fles? En dan gaat het er natuurlijk niet allemaal netjes in dus vandaar die lucht. Ik doe de kast open en er buitelt aardig wat rommel al naar buiten. Ik kom lege verpakking tegen van koek en snoep die verdacht veel lijken op dat wat ik uit de voorraadkast mis. Als ik dit allemaal zie denk ik, heel mijn voorraadkast is leeg gesnaaid. Laat maar liggen oppert manlief. Ik spreek hem wel aan uit school. Lastig voor mij want de opruim drang zit er dan wel in. Maar die flessen? Die ga ik echt niet leegmaken. Dus laat ik de kamer voor wat die is.
Direct ga ik de andere ook even langs. Nu ik toch bezig ben. De één is keurig netjes. Gelukkig. heb ik toch nog wat over kunnen brengen. Maar de andere is op een andere manier ook een troep. Die heeft op school een houten kist gemaakt en gebruikt die voor afval, schone was en vuile was. Dat de schone was in de kast hoort? Oh dat weet ik eigenlijk niet meer. Dit pleegje krijgt altijd hulp van onze stagiair om zijn kamer te doen omdat het anders niet lukt. Dus ik geef ze de opdracht om ook even de kist en de kasten na te lopen. Dat was even schrikken. Ogenschijnlijk is de kamer netjes, maar ja. Die kast. Kom daar maar niet in hoor: zegt pleegje. Stagiair doet toch de kast open. En daar komt een boterham uit, een vieze appel en nog veel meer troep. Als we vragen waar die appel toch vandaan komt zegt hij vrolijk: oh die is nog van de schoolreis van de Zandbaan. ??Dat was voor de zomervakantie.!!
Als wij in een daverende lacht schieten kijkt hij ons verbaasd aan. Waarom lachen jullie?
 Nou, je snapt wel dat onze vuilcontainers vol zaten. Er kwamen aardig wat vuilniszakken uit die kamers. En ook de wasmand zat vol, want als alles door elkaar ligt gooi je toch alles in de was? Ik neem me voor om toch wat meer te controleren. Of niet. Loslaten zeggen we dan. Misschien wat vaker even herinneren aan het opruimen van de kamers? Meer bijsturen?  In elk geval is er een slot op de voorraadkast gegaan. Daar kan niet meer in gesnaaid worden als wij liggen te slapen.
Ben benieuwd hoe de kamers er de komende weken uit zullen zien. Tot nu toe gaat het goed. Maar hoelang houden ze het vast? En kan ik dan loslaten? Ook dit gaat de ene keer beter dan de andere keer. Zo hadden we een pleegje die in de hoek van zijn kamer had geplast. geen zin om naar toilet te gaan? Of uitdagen? Hij lag nog maar een half uurtje op bed en was al twee keer na toilet geweest. dus daar kon het niet aan liggen. Hij was ook al boos geweest daarvoor. Ik ga kijken waarom het zo'n herrie is op zijn kamer en het licht brand en ik zie een natte plek in zijn broek. Terwijl hij nog een luier draagt. Ik heb hier geplast. triomfantelijk kijkt hij me aan. Oké: zeg ik. Dat is dan jou probleem. Welterusten. Ik zie voordat ik het licht uitdoe en de deur sluit nog het verbaasde koppie. Maar ik hoor niets meer. De volgende morgen geef ik hem na het douchen een emmer en een dweil. Hij kijkt me verbaasd aan. Dweil maar even je plas weg: zeg ik rustig. Al zuchtend doet hij dit. Dit herhaald zich de volgende dag nog een keer. maar ik reageerde op dezelfde manier. En toen was het klaar. Ik leer het wel!
Langzaam merk ik aan mezelf dat, na de heftige periode in ons gezinshuis voor de kerstvakantie, mijn energie weer terug komt.  Alles komt tot rust, voor zover dat kan met nog zes pleegjes. Ik kan weer genieten van de dingen van alle dag en tijd nemen voor mezelf. Ook aan de andere kinderen merken we dat ze ontspannen. Zo is er al bijna weer een maand voorbij in het nieuwe jaar.
Met een lach en een traan. En een kind dat verzucht: u bent toch de liefste pleegmoeder, want u doet altijd alles voor ons.





2 opmerkingen:

  1. Ik heb echt bewondering voor mensen met een gezinshuis! Fijn dat de rust terugkeert! Sterkte met alles!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Lach en een traan, zo is deze blog van jou ja. En ik heb ook bewondering voor je. Ieder kind draagt een stukje verdriet mee. Geniet van de mooie momenten!

    BeantwoordenVerwijderen