gezinshuis

gezinshuis
de morgenster

woensdag 29 januari 2014

gemis

Ik was zondagavond toch weer blij dat André thuis was. Hij heeft de smaak wel te pakken zeg. Hij heeft het in elk geval goed gehad het weekend. Maandag hadden we voor de verandering weer eens een jarig pleegje. Dat hebben we de afgelopen week gemerkt. Druk, druk en zenuwachtig. Veel waarschuwen. Grenzeloos gedrag. Hoe herkenbaar. En de spanning is er nog niet af, want zaterdag vieren we het. Dus dan is het nog steeds spannend. Tot voor kort belde twee pleegje met hun moeder elke zondagavond. Zij zit in Zuid-Amerika. Maar sinds kort doen ze dit via skype. Afgelopen zondag kregen we geen contact. Dus wij weer bellen. Ik ben zo geschrokken. De oudste had eerst zijn praatje met mama. Ik merkte aan zijn gekuch al dat er iets was. Moeder had in elk geval geen geld om haar internet te betalen dus kon er niet geskyped worden.  Na een poosje, pleegje had niet veel gezegd, wilde ze de andere. Ik ben morgen jarig mama. Ja, hoor ik en ik zie ook haar gezicht een beetje betrekken. Dit gesprek duurde niet lang en moeder wilde mama Jenny even aan de lijn. Wat kreeg ik een verdrietig moeder. Ik voel me zo alleen mama Jenny, en ik mis de kinderen. Ze zijn nu bijna drie jaar weg en ik ga ze steeds meer missen. En ik kan niks sturen voor haar verjaardag. Ik heb geprobeerd haar op te beuren. Ze is een sterke vrouw. Als je een keus kan maken om je kinderen terug naar Nederland te sturen omdat daar een betere toekomst ligt voor hun, ben je sterk. Ik kan hier soms zo wanhopig van worden. Ik ken haar, ze heeft hier in Nederland gewoond. Ze is de moeder van twee van onze pleegjes en heeft zoveel vertrouwen in ons. En ik kan haar niet helpen. Ik weet niet hoe. Als ik geld stuur weet ik niet of ze hiermee om kan gaan. Ze wil naar Nederland komen, maar ze komt ons land niet zomaar meer in. En zou dit goed zijn voor de kinderen? Want als ze zou komen voor bijvoorbeeld vakantie, dan moet ze weer terug. Heftig allemaal. En dan hoor ik de oudste zeggen. Ik bid voor u mama. Iedere dag doen we dat en ik heb het vanmorgen in de kerk ook gedaan. En dan ben ik weer op m'n plaats. Wat kunnen kinderen je soms de weg wijzen. Want ik kan wel wat doen. Maar ik vind dat dan zo onbelangrijk, terwijl het het belangrijkste is. Ik kan voor haar bidden. Bidden dat ze kracht mag krijgen. Bidden dat er mensen op haar pad komen die haar bemoedigen en troosten, zodat zij zich niet eenzaam zal voelen. Ik moet er weleens om lachen. De kinderen wonen bij ons om heel veel te leren, maar wat leer ik ook iedere dag weer van hun. Als we maandag danken voor de verjaardag van ons pleegje, bidden we ook voor haar moeder. Het schept een band om dit met elkaar te doen. Onze gebedskaarten hebben ze bijna niet meer nodig. Ze kunnen het zonder ook wel. Ik ben zo trots op deze kinderen. Vechters! Dat zijn het. Er is zoveel gebeurt, en soms drukt dat zwaar op hen, omdat ze er nog steeds mee worden geconfronteerd. Ook omdat ze allemaal een hechtingsproblematiek hebben waardoor er vaak dingen mis gaan. Dan huilt er één: ik ben een nietsnut kind. Maar tegelijk zie je hun veerkracht, hun vechtlust om er iets van te maken. Omdat wij ze laten zien dat ze uniek zijn. Dat God hen zo mooi gemaakt heeft en dat hij wil dat ze tot hun doel komen in hun leven. Tot God tot Zijn doel komt in hun leven. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten