gezinshuis

gezinshuis
de morgenster

maandag 10 maart 2014

logeerpleegje

De vakantie is heerlijk geweest. Ik heb echt alles even los kunnen laten en kunnen genieten van de kinderen. En daaromheen alle dingen die ook gewoon in de vakantie doorgaan. De eerste dagen van de vastentijd zijn al voorbij. Deze week kozen we voor geen tv/computerspelletjes ed. En dat was soms best lastig. Niet alleen voor de kinderen. Ik merk aan mezelf hoe makkelijk ik er een dvd in stop en 's avonds het nieuws kijk. En ik moet eerlijk zeggen dat het ook best bevalt. Even niet op de hoogte zijn van alles wat er in de wereld gebeurt. En natuurlijk hebben we tijd gestoken in bezinning. Met elkaar naar God toe en naar elkaar toe. Iedere avond lazen we met elkaar een stukje uit de bijbel. 

Dag 1 werden we bepaald bij de betekenis van aswoensdag. De kinderen maakte zich even zorgen of ik ook bij hen een kruisje op hun hoofd zou tekenen met as. Maar nee, dat deden we niet. Wel baden we met elkaar of God ons wil helpen om niet weg te lopen van onze kwetsbaarheid en beperktheid. Het kruisje luidt een nieuwe tijd in: bekeer je. Keer je af van de zonde en keer je naar de Heer. Dat was de boodschap. 

Dag 2 was het verhaal van Johannes. Dat hij een ruwe mantel droeg en wilde sprinkhanen ad. Waarschijnlijk had hij ook barrevoets gelopen. De opdracht voor vandaag was: doe je schoenen en sokken eens uit. Voel de grond onder je voeten. Je voelt alles. Je bent kwetsbaar. De kinderen moesten denken aan het blote voetenpad dat we hadden gelopen in het bos. De lijn trokken we weer naar onze kwetsbaarheid en Gods grootheid. Hij kent ons en wil dat wij Hem nodig hebben. 
Dag 3 ging over vrucht dragen. Wat je allemaal moet doen om je te bekeren. Of allemaal niet moet doen. Maar bekering is niet een opgave van alles wat we wel en niet moeten doen, maar je omkeren naar God toe en leven uit Zijn genade. 
Dag4 Johannes wees naar Jezus. Hij die na mij komt is meer dan ik. De opdracht voor vandaag was . Denk een na over hoe het zou zijn om veertig dagen iets wat je heel fijn of lekker vind niet te gebruiken? Wat houd je tegen? En als je het doet: hoe stimuleer je anderen. We kregen hierdoor een goed gesprek met de kinderen en zij worden zich bewust van het feit dat dat was Jezus voor ons deed veel meer en groter was dan wij ooit kunnen doen. 
Dag 5 Kom, volg Mij. Ik zal u vissers van mensen maken. De vraag vandaag was; Zijn er dingen in je leven die je moet loslaten om Jezus te volgen? De kinderen hadden hierover hun ideeen wel , maar vonden dat zij zelf wel goed konden loslaten en goed konden getuigen van Jezus. We dachten erover na wat het ons soms kost om Jezus te volgen en was het Jezus heeft gekost om onze zonden op zich te nemen. 

Iedere avond na het eten en de bezinning gingen we lopen. Ruim een half uur en we zijn rond. 

Donderdag lukte het niet, want toen hadden er twee paardrijles rond het eten en we kregen de Atlantic Bridge club thuis. Maar ook daar hebben ze van genoten. Om in gesprek te gaan met andere jongeren uit allerlei landen en culturen. En ze probeerden echt mee te doen en in het Engels zichzelf voor te stellen.
Vrijdagavond was het bijna donker, maar we gingen toch nog lopen. Het heeft ook wel iets om in de polder te lopen als je de zon ziet ondergaan. Ik geniet hiervan. Om zo met de kinderen bezig te zijn. En ik denk dan: waarom begin ik hier nu pas aan? Vier van onze kinderen zijn al volwassen en staan op eigen benen. Maar ook wij leren nog iedere dag en ook leren we van onze eigen kinderen. 

Vrijdag kwam ook ons pleegje vanuit de groep logeren. Super leuk dat we dit nog kunnen doen. Hij had er zoveel zin in. Maar tegelijk is het zo moeilijk om te zien hoe verdrietig hij kan zijn. Als hij ineens weer in de geborgenheid van een gezin komt. En alles wat hij steeds moet missen weer mag ervaren. Dat geeft vreugde en pijn. Pijn omdat je weet dat het na het weekend weer over is. Hij had het moeilijk. Soms kwam hij even bij me zitten en voelde ik zijn verdriet. Hij huilde dan. Ik weet eigenlijk niet waarom mama Jenny, maar ik mis het allemaal zo.In de kerk is hij timide. Hij is niet meer in de kerk geweest sinds hij op de groep woont. Veel mensen kennen hem nog en dat is fijn voor hem. Om te weten dat ze hem niet vergeten zijn.  En hij heeft genoten. Genoten van de manier waarop we met elkaar naar Pasen toeleven. Genoten van de kerk en de zondag school. Genoten van het potje voetballen, de spelletjes, het contact. Genoten van het vieren vaan zijn verjaardag. Hij is de komende week jarig. Dus hadden we een taart gemaakt en kadootjes gekocht. 

 En dan komt het afscheid. 
Ik kijk naar hem als hij nog even in de tuin alles wil doen. Even in het klimrek, even een sprong op de trampoline, even op de schommel. Ik praat met zijn groepsleidster, die hem kom halen. Zij woont ook in Zeeland en moest eind van de middag gaan werken. Dus ze wilde hem wel ophalen. Beide zien we hoe moeilijk hij het heeft.  We zien een kind dat zich toch enigszins gehecht heeft aan ons en zijn omgeving. En wat is het moeilijk om dan weg te gaan. Hij knuffelt me en weer voel ik zijn onmacht, verdriet. De plek die hij heeft is goed. Hij heeft veel geleerd. Maar ieder kind heeft recht op een gezin. En als je de warmte en geborgenheid van een gezin ervaren hebt is het moeilijk om het te moeten loslaten. Hij sjouwt zijn tas naar de auto. Hij snikt nog even en dan zwaait hij. Ik bel straks!
Mijn hart huilt om dit kind. Ik overzie de koppies van de anderen. Pff, ik ben blij dat ik daar niet heen hoef, zucht er één. Ik vind het echt zielig, deelt de ander mede.  Als pleegje op de groep is aangekomen mag hij ons nog even bellen. Hij is nog steeds verdrietig. Ik vertel hem dat hij moet proberen om aan de leuke dingen te denken. En dat hij vast nog een keer mag komen. 
Tijdens het eten zegt er één: nu zijn we weer met z'n achten. ? zegt de ander: nee hoor met negen, want de Heere God is er altijd. Ja, zegt er weer één, en die is ook bij pleegje op de groep! En ik kan het weer loslaten. Soms ben ik jaloers op dit kinderlijke geloof. Zo eenvoudig wijzen ze je even op de feiten. Ja, want God is ook mee op de groep. 
Na het eten gaan we nog een rondje doen. Ik had beloofd dat ze op de skeelers mochten. Ook onze jongste wilde op zijn skeelers. Wij drukken hem op het hart dat dit niet echt verstandig is. Bijna vier kilometer op je skeelers als je 7 jaar bent? Wankelend laat hij zien dat hij het best kan. Ik waarschuw nog een keer. Ik ga je niet dragen of slepen. Als je hiervoor kiest is het jou probleem. Na nog geen vier stappen staat hij stil en gaat de sirene aan. Weeeehhh. Ik vraag wat er aan de hand is. Hij schopt naar me en is boos. Weeehhh. André draait om. Zo ga ik niet lopen. Ik loop verder met de andere vijf kinderen. En pleegje blijft staan. Hij had de kans nog om zijn laarzen te halen, maar dat wilde hij niet Lang horen we zijn sirene nog. Als we thuiskomen ligt hij in bed. Hopelijk heeft hij ervan geleerd. 

Vanmorgen bij het opstaan keek hij me even twijfelend aan. Ik vraag hem: wil je me wat zeggen? Ja, ik ga vanavond met m'n laarzen lopen. Jippie, het is geland en hij snapt het. Ik prijs hem dat hij dit zo goed bedacht heeft. Het stormt vanochtend weer hevig in huis. De kinderen stuiteren hun bed uit en ik moet ze steeds waarschuwen: niet zo druk, niet aan elkaar zitten, aankleden, aan tafel....Hebben alle moeders dit na een vakantie? Petje af voor de juffen en de meester vandaag hoor. Zij moeten ze weer in het gareel krijgen. En dan maar hopen dat ze rustig mijn auto weer instappen straks. Nu eerst maar weer eens richting Papendrecht. Een bezoek aan de orthodontist staat weer op de agenda. Jippie, de week is weer begonnen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen